Ga verder naar de inhoud

KC05/22-0121

Non fondée KC - Brugge Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT – VERBODEN SUBSTANTIES – BEWIJS

Klager dient klacht in tegen een tuchtbeslissing. Naar aanleiding van een overplaatsing werden in zijn nazending verboden substanties aangetroffen. Dit was volgens klager een fout van de politie, aangezien deze substanties al in zijn zak zaten op het moment dat hij werd gearresteerd. De directie baseert zich op haar beurt op het RAD. Hierin werd opgenomen dat klager, nadat hij werd geconfronteerd met de vondst van de verboden substanties, al lachend had toegegeven dat hij iets kwijt was en dat het dit was. Klager ontkent dat hij dit zou hebben gezegd. De klachtencommissie wijst erop dat het louter ontkennen van de feiten of het verschaffen van een eigen verhaal niet altijd voldoende is als overtuigend element om twijfel te doen ontstaan over de juistheid van een RAD. In deze zaak heeft klager naar het oordeel van de klachtencommissie geen overtuigende tegenargumenten aangebracht die twijfel doen bestaan over de juistheid van de informatie die werd opgenomen in het RAD. De klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.