Ga verder naar de inhoud

KC04/26-0156

Fondée KC - Beveren Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT - BEWIJS - TOEREKENBAARHEID - MOTIVERING

De directie heeft zich voor het bewezen zijn van de feiten gebaseerd op de materiële vaststellingen zoals opgenomen in het RAD. Volgens de klachtencommissie brachten klager en zijn advocaat ter tuchtzitting geen elementen aan die doen twijfelen aan de waarachtigheid van het RAD. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie de feiten bewezen achtte. De directie kwalificeerde de feiten als de opzettelijke aantasting van de orde, zoals omschreven in artikel 2, 7° (artikel 129, 5° Basiswet). De klachtencommissie oordeelt dat deze kwalificatie correct is voor wat betreft het bonken op de deur. De klachtencommissie oordeelt echter dat, hoewel zij het op basis van de technische vaststellingen voldoende bewezen acht dat het brandalarm gemanipuleerd werd, de directie niet motiveert waarom ze klager hieraan schuldig acht. Klager was immers niet de enige aanwezige gedetineerde. Een andere celgenoot werd hiervoor overigens óók gesanctioneerd (cfr. KC04/26-0157). De klachtencommissie vernietigt de tuchtbeslissing dan ook voor wat betreft het gedeelte van de motivering dat verwijst naar het gemanipuleerde brandalarm. De klachtencommissie meent dat de inbreuk van de opzettelijke aantasting van de orde echter overeind kan blijven aangezien het bonken op de deur wel aan klager kan toegerekend worden. Klager kreeg 10 dagen ATV. De klachtencommissie acht deze sanctie wettelijk en redelijk.

De klacht is gedeeltelijk gegrond.
- De klachtencommissie vernietigt de tuchtbeslissing voor wat betreft het gedeelte van de motivering dat verwijst naar het gemanipuleerde brandalarm.
- De tuchtbeslissing blijft overeind voor wat betreft de inbreuk en de opgelegde sanctie van 10 dagen ATV.