KC04/25-0200
Non fondée
KC - Beveren
Commission des plaintes
Disciplinaire
Mesure d'ordre
TUCHT - ORDEMAATREGEL - ARBEID - ONTSLAG
Klager dient klacht in tegen een tuchtbeslissing op basis van geurwaarneming. Volgens de klachtencommissie brachten klager en zijn advocaat ter tuchtzitting geen elementen aan die doen twijfelen aan de waarachtigheid van het RAD. Er werd beschreven dat er “een zeer sterke geur” vrijkwam wanneer de deur van de verblijfsruimte werd geopend. De geur werd bevestigd door nog drie andere personeelsleden. Dat deze vaststelling niet verder ondersteund werd door vondsten ter gelegenheid van de navolgende celcontrole doet geen afbreuk aan de vaststelling. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie van oordeel was dat de geur afkomstig was uit de verblijfsruimte van klager (impliciet: omdat hij daar cannabis had gerookt en niet vanwege het luchtcirculatiesysteem) en de feiten bewezen achtte. De directie kwalificeerde de feiten als het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties (artikel 129, 7° Basiswet). De klachtencommissie acht deze kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd. Klager pleegde een inbreuk van de eerste categorie en kreeg 5 dagen ATV. De klachtencommissie oordeelt dat de sanctie wettelijk en redelijk is. De klacht is ongegrond.
Klager dient klacht in tegen een ontslag. Klager was tewerkgesteld als fitnessfatik. Zijn ontslag is een gevolg van het feit dat hij tijdens zijn ATV niet op het werk aanwezig kon zijn. De klachtencommissie acht het logisch dat de functie van klager gedurende zijn verblijf in ATV moest worden ingevuld door een andere gedetineerde om de continuïteit van de fitnessvoorzieningen te vrijwaren. Er was dan ook sprake van de situatie waarbij het werk niet meer beschikbaar was na afloop van de tuchtsanctie. De dienstnota legt in dat geval niet op dat er een schriftelijke ontslagbeslissing dient te worden genomen. De gedetineerde kan onmiddellijk een nieuwe werkaanvraag doen. De klachtencommissie acht het ontslag in het voorliggend dossier wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.
Klager dient klacht in tegen een tuchtbeslissing op basis van geurwaarneming. Volgens de klachtencommissie brachten klager en zijn advocaat ter tuchtzitting geen elementen aan die doen twijfelen aan de waarachtigheid van het RAD. Er werd beschreven dat er “een zeer sterke geur” vrijkwam wanneer de deur van de verblijfsruimte werd geopend. De geur werd bevestigd door nog drie andere personeelsleden. Dat deze vaststelling niet verder ondersteund werd door vondsten ter gelegenheid van de navolgende celcontrole doet geen afbreuk aan de vaststelling. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie van oordeel was dat de geur afkomstig was uit de verblijfsruimte van klager (impliciet: omdat hij daar cannabis had gerookt en niet vanwege het luchtcirculatiesysteem) en de feiten bewezen achtte. De directie kwalificeerde de feiten als het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties (artikel 129, 7° Basiswet). De klachtencommissie acht deze kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd. Klager pleegde een inbreuk van de eerste categorie en kreeg 5 dagen ATV. De klachtencommissie oordeelt dat de sanctie wettelijk en redelijk is. De klacht is ongegrond.
Klager dient klacht in tegen een ontslag. Klager was tewerkgesteld als fitnessfatik. Zijn ontslag is een gevolg van het feit dat hij tijdens zijn ATV niet op het werk aanwezig kon zijn. De klachtencommissie acht het logisch dat de functie van klager gedurende zijn verblijf in ATV moest worden ingevuld door een andere gedetineerde om de continuïteit van de fitnessvoorzieningen te vrijwaren. Er was dan ook sprake van de situatie waarbij het werk niet meer beschikbaar was na afloop van de tuchtsanctie. De dienstnota legt in dat geval niet op dat er een schriftelijke ontslagbeslissing dient te worden genomen. De gedetineerde kan onmiddellijk een nieuwe werkaanvraag doen. De klachtencommissie acht het ontslag in het voorliggend dossier wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.