Ga verder naar de inhoud

KC04/24-0051

Non fondée Irrecevable KC - Beveren Commission des plaintes Mesure provisoire Disciplinaire
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - VOORLOPIGE MAATREGEL - TUCHT - PERSONEEL

De eerste klacht is gericht tegen een voorlopige maatregel.
De directie stelt in haar verweer dat er geen voorlopige maatregel werd opgelegd ten aanzien van klager. De klachtencommissie stelt dus vast dat er in casu geen sprake is van een beslissing door of namens de directeur genomen ten aanzien van de gedetineerde. De eerste klacht is niet-ontvankelijk.

De tweede klacht is gericht tegen een tuchtbeslissing van de directie van de gevangenis van Beveren.
Klager kreeg bij tuchtbeslissing een tuchtsanctie van vier dagen ATV voor de opzettelijke aantasting van de psychische integriteit van personen, of de bedreiging daarmee (een inbreuk van eerste categorie). Gelet op de vaststellingen uit het RAD, waarbij een getuige van de feiten wordt genoemd, acht de klachtencommissie het redelijk dat de directie de feiten bewezen achtte en ze aan klager toerekende. De directie kwalificeerde de feiten als de opzettelijke aantasting van de psychische integriteit van personen, of de bedreiging daarmee (een inbreuk van eerste categorie ). De klachtencommissie acht die kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd. Zo blijkt uit de motivering dat de directie van oordeel was dat het beschuldigen van iemand die verboden middelen zou binnenbrengen in de inrichting en dit in het bijzijn van een andere beambte, een zware aantasting op de psychische integriteit van de beambte uitmaakt. Klager kreeg vier dagen ATV opgelegd. De klachtencommissie acht deze sanctie wettelijk en redelijk. Om deze redenen is de tweede klacht niet gegrond.