ORDEMAATREGEL – ONTSLAG
De klacht is gericht tegen een ordemaatregel, waarbij klager werd afgezet van zijn werk. De klachtencommissie stelt vast dat in het dossier twee RAD’s voorhanden zijn, waaruit blijkt dat klager tweemaal weigerde om te werken. De bestreden ordemaatregel werd uitgebreid gemotiveerd. In de ordemaatregel beschrijft de directie chronologisch de verschillende problemen die ervaren werden met betrekking tot de tewerkstelling van klager in de werkhuizen. De ordemaatregel is niet onwettig, onredelijk of onbillijk. De klachtencommissie volgt de directie o.a. waar zij stelt dat klager tewerkgesteld is in ‘de werkhuizen’ en niet in een specifiek werkhuis. Zodoende kan klager niet zomaar kiezen in welke werkhuizen hij (niet) wil werken. De ordemaatregel werd vervolgens niet vanuit een bestraffend oogmerk genomen. Klager werd door de directie afgezet van zijn werk, maar wel bovenaan de werklijsten geplaatst voor andere functies. Klager kon al na vijf dagen starten in een nieuwe functie. Dat de advocate van klager niet aanwezig kon zijn op het ‘rapport directeur’, maakt de bestreden beslissing evenmin onwettig, onredelijk of onbillijk. In de Basiswet wordt geen recht op bijstand voorzien voor dergelijke situaties. Deze klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.
De klacht is gericht tegen een ordemaatregel, waarbij klager werd afgezet van zijn werk. De klachtencommissie stelt vast dat in het dossier twee RAD’s voorhanden zijn, waaruit blijkt dat klager tweemaal weigerde om te werken. De bestreden ordemaatregel werd uitgebreid gemotiveerd. In de ordemaatregel beschrijft de directie chronologisch de verschillende problemen die ervaren werden met betrekking tot de tewerkstelling van klager in de werkhuizen. De ordemaatregel is niet onwettig, onredelijk of onbillijk. De klachtencommissie volgt de directie o.a. waar zij stelt dat klager tewerkgesteld is in ‘de werkhuizen’ en niet in een specifiek werkhuis. Zodoende kan klager niet zomaar kiezen in welke werkhuizen hij (niet) wil werken. De ordemaatregel werd vervolgens niet vanuit een bestraffend oogmerk genomen. Klager werd door de directie afgezet van zijn werk, maar wel bovenaan de werklijsten geplaatst voor andere functies. Klager kon al na vijf dagen starten in een nieuwe functie. Dat de advocate van klager niet aanwezig kon zijn op het ‘rapport directeur’, maakt de bestreden beslissing evenmin onwettig, onredelijk of onbillijk. In de Basiswet wordt geen recht op bijstand voorzien voor dergelijke situaties. Deze klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.