KC04/23-0119
Non fondée
Fondée
KC - Beveren
Commission des plaintes
Mesure provisoire
Disciplinaire
VOORLOPIGE MAATREGEL – TUCHT – MOTIVERING
Klager heeft twee klachten ingediend.
De eerste klacht is gericht tegen een voorlopige maatregel. Klager ging niet akkoord met deze voorlopige maatregel, omdat deze langer zou geduurd hebben dan 72 uren. De klachtencommissie wijst erop dat deze 72 uren ingaan op het moment dat de voorlopige maatregel in werking is getreden. De Basiswet vereist dat een gedetineerde binnen deze termijn wordt gehoord op een tuchtzitting. In dit dossier werd de termijn van 72 uren niet overschreden. Deze eerste klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.
De tweede klacht is gericht tegen een tuchtsanctie van veertien dagen ATV wegens een tuchtinbreuk van eerste categorie, zijnde de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee. Klager raakte in een incident verwikkeld met een medegedetineerde. Hij voerde aan dat hij louter had gehandeld uit zelfverdediging. De klachtencommissie meent dat er in dit dossier niet zomaar sprake is van – een tuchtrechtelijke invulling van het begrip – wettige zelfverdediging. Aan de ene kant acht zij het wel aangetoond dat de medegedetineerde klager heeft bedreigd. Aan de andere kant acht de klachtencommissie de reactie van klager – waarbij hij de medegedetineerde hard in het gezicht heeft geslagen – niet proportioneel.
De klachtencommissie dient vervolgens echter vast te stellen dat uit de motivering van de tuchtbeslissing niet blijkt dat de directie op enige wijze rekening heeft gehouden met het vaststaande gegeven dat klager werd bedreigd en geprovoceerd door de betrokken medegedetineerde. Deze bedreiging/provocatie betreft naar het oordeel van de klachtencommissie een omstandigheid die zeker had moeten meespelen bij het toemeten van de tuchtsanctie. In de motivering van de tuchtbeslissing moest hierbij bovendien worden aangetoond in welke mate deze omstandigheid een rol heeft gespeeld bij de toemeting. Dit is niet gebeurd. Deze tweede klacht is ontvankelijk en gegrond. De klachtencommissie vernietigt de bestreden beslissing en stelt haar beslissing in de plaats.
Klager heeft twee klachten ingediend.
De eerste klacht is gericht tegen een voorlopige maatregel. Klager ging niet akkoord met deze voorlopige maatregel, omdat deze langer zou geduurd hebben dan 72 uren. De klachtencommissie wijst erop dat deze 72 uren ingaan op het moment dat de voorlopige maatregel in werking is getreden. De Basiswet vereist dat een gedetineerde binnen deze termijn wordt gehoord op een tuchtzitting. In dit dossier werd de termijn van 72 uren niet overschreden. Deze eerste klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.
De tweede klacht is gericht tegen een tuchtsanctie van veertien dagen ATV wegens een tuchtinbreuk van eerste categorie, zijnde de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee. Klager raakte in een incident verwikkeld met een medegedetineerde. Hij voerde aan dat hij louter had gehandeld uit zelfverdediging. De klachtencommissie meent dat er in dit dossier niet zomaar sprake is van – een tuchtrechtelijke invulling van het begrip – wettige zelfverdediging. Aan de ene kant acht zij het wel aangetoond dat de medegedetineerde klager heeft bedreigd. Aan de andere kant acht de klachtencommissie de reactie van klager – waarbij hij de medegedetineerde hard in het gezicht heeft geslagen – niet proportioneel.
De klachtencommissie dient vervolgens echter vast te stellen dat uit de motivering van de tuchtbeslissing niet blijkt dat de directie op enige wijze rekening heeft gehouden met het vaststaande gegeven dat klager werd bedreigd en geprovoceerd door de betrokken medegedetineerde. Deze bedreiging/provocatie betreft naar het oordeel van de klachtencommissie een omstandigheid die zeker had moeten meespelen bij het toemeten van de tuchtsanctie. In de motivering van de tuchtbeslissing moest hierbij bovendien worden aangetoond in welke mate deze omstandigheid een rol heeft gespeeld bij de toemeting. Dit is niet gebeurd. Deze tweede klacht is ontvankelijk en gegrond. De klachtencommissie vernietigt de bestreden beslissing en stelt haar beslissing in de plaats.