Ga verder naar de inhoud

KC04/22-0100

Non fondée KC - Beveren Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT

De directeur heeft zich voor het bewijs en de kwalificatie van de in het RAD ten laste gelegde feiten, gebaseerd op de vaststellingen van de dienstdoende PBA. Een andere PBA wordt vermeld als getuige van de feiten. Het rapport is duidelijk. Het personeelslid dat het rapport heeft opgesteld, vermeldt geen twijfel in het rapport. Er zijn geen tegenstrijdigheden tussen het rapport en andere elementen uit het dossier.

Anders dan de klager betoogt, doet noch de omstandigheid dat hij over zijn toeren was, noch het gegeven of de 1 liter fles al dan niet op de wandeling werd toegelaten naar aanleiding van het gedetineerdenoverleg, afbreuk aan de bewijswaarde van het rapport aan de directeur waaruit duidelijk blijkt dat klager de bevelen van het personeel genegeerd heeft. Hij geeft dit immers ook zelf toe op de hoorzitting.

De directie kon zich in dit geval dan ook baseren op het rapport om de tuchtinbreuk te beoordelen.

De klachtencommissie besluit dat de tuchtinbreuken bewezen is en dat deze correct werd gekwalificeerd in de tuchtbeslissing. Voor inbreuken van de tweede categorie kan ATV worden opgelegd voor maximaal 15 dagen. De beslissing om 5 dagen ATV op te leggen is bijgevolg wettig, billijk en redelijk.

De klacht is ongegrond.