VOORLOPIGE MAATREGEL - HANDTEKENING - MOTIVERING
De voorlopige maatregel is op twee punten gebrekkig.
In principe kan uitsluitend de directeur een voorlopige maatregel nemen. Alleen wanneer de situatie van gevaar geen enkel uitstel duldt, kunnen ook andere personeelsleden van de gevangenis deze beslissing nemen, mits onmiddellijke kennisgeving ervan aan de directeur, die dan een beslissing neemt. In de Collectieve Brief nr. 124 staat de gedetailleerde procedure voor het geval dat een personeelslid dan toch de beslissing neemt. Op het moment dat de voorlopige maatregel ingaat moet er echter ofwel een beslissing zijn van de directie ofwel een beslissing van een personeelslid (zoals beschreven in CB nr. 124). In dit geval is de beslissing van de directie pas een dag later genomen en is er niet gemotiveerd waarom de beslissing pas zoveel later opgesteld werd, waardoor er niet voldaan is aan de wettelijke vereisten.
Daarnaast verplicht de formele motiveringsplicht de directie in de motivering de juridische en feitelijke overwegingen op te nemen die aan de beslissing ten grondslag liggen, en dat op afdoende wijze.
De directie lijkt zich in de voorlopige maatregel te baseren op de eerste situatie, gezien zij zich beroept op de ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid. Vervolgens legt zij ook een maatregel op uit
de tweede situatie15, met name de uitsluiting van deelname aan bepaalde activiteiten. De beslissing tot voorlopige maatregel verwijst enkel naar het RAD (“zie bijlage”). . Verder is de beslissing niet gemotiveerd. Het is niet duidelijk waarom de situatie een geval van ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid uitgemaakt zou hebben. De beslissing voldoet daardoor niet aan de wettelijke vereisten.
De klacht is gegrond.
De voorlopige maatregel is op twee punten gebrekkig.
In principe kan uitsluitend de directeur een voorlopige maatregel nemen. Alleen wanneer de situatie van gevaar geen enkel uitstel duldt, kunnen ook andere personeelsleden van de gevangenis deze beslissing nemen, mits onmiddellijke kennisgeving ervan aan de directeur, die dan een beslissing neemt. In de Collectieve Brief nr. 124 staat de gedetailleerde procedure voor het geval dat een personeelslid dan toch de beslissing neemt. Op het moment dat de voorlopige maatregel ingaat moet er echter ofwel een beslissing zijn van de directie ofwel een beslissing van een personeelslid (zoals beschreven in CB nr. 124). In dit geval is de beslissing van de directie pas een dag later genomen en is er niet gemotiveerd waarom de beslissing pas zoveel later opgesteld werd, waardoor er niet voldaan is aan de wettelijke vereisten.
Daarnaast verplicht de formele motiveringsplicht de directie in de motivering de juridische en feitelijke overwegingen op te nemen die aan de beslissing ten grondslag liggen, en dat op afdoende wijze.
De directie lijkt zich in de voorlopige maatregel te baseren op de eerste situatie, gezien zij zich beroept op de ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid. Vervolgens legt zij ook een maatregel op uit
de tweede situatie15, met name de uitsluiting van deelname aan bepaalde activiteiten. De beslissing tot voorlopige maatregel verwijst enkel naar het RAD (“zie bijlage”). . Verder is de beslissing niet gemotiveerd. Het is niet duidelijk waarom de situatie een geval van ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid uitgemaakt zou hebben. De beslissing voldoet daardoor niet aan de wettelijke vereisten.
De klacht is gegrond.