KC04/21-0103
Fondée
KC - Beveren
Commission des plaintes
Mesure provisoire
Disciplinaire
Fouille à corps
TUCHT - KWALIFICATIE INBREUK - VERBODEN SUBSTANTIES - VERBODEN VOORWERPEN
Uit de tuchtbeslissing blijkt dat de directie het bewezen acht dat klager in het bezit was van verdovende middelen. De Klachtencommissie stelt vast dat het bezit van de medicatie en het onder invloed zijn in de bestreden tuchtbeslissing werd gekwalificeerd als een inbreuk van de eerste categorie in de zin van artikel 129, 7° van de Basiswet namelijk “het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties”. Deze tuchtinbreuk slaat op voorwerpen of substanties die ook in de vrije samenleving verboden zijn, zoals drugs en wapens. Uit geen enkel element in het dossier blijkt dat de gevonden voorwerpen, met name de verschillende medicatie en de Kingmuntjes, gekwalificeerd kunnen worden als door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties. Het bezit van de medicatie en het opsparen van medicatie moet geherkwalificeerd worden tot een tuchtinbreuk van de tweede categorie, met name: het niet naleven van bepalingen van het Huishoudelijk Reglement. De klacht is gedeeltelijk gegrond.
Uit de tuchtbeslissing blijkt dat de directie het bewezen acht dat klager in het bezit was van verdovende middelen. De Klachtencommissie stelt vast dat het bezit van de medicatie en het onder invloed zijn in de bestreden tuchtbeslissing werd gekwalificeerd als een inbreuk van de eerste categorie in de zin van artikel 129, 7° van de Basiswet namelijk “het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties”. Deze tuchtinbreuk slaat op voorwerpen of substanties die ook in de vrije samenleving verboden zijn, zoals drugs en wapens. Uit geen enkel element in het dossier blijkt dat de gevonden voorwerpen, met name de verschillende medicatie en de Kingmuntjes, gekwalificeerd kunnen worden als door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties. Het bezit van de medicatie en het opsparen van medicatie moet geherkwalificeerd worden tot een tuchtinbreuk van de tweede categorie, met name: het niet naleven van bepalingen van het Huishoudelijk Reglement. De klacht is gedeeltelijk gegrond.