KC02/24-0317
Non fondée
KC - Antwerpen
Commission des plaintes
Autre décision directeur
OVERBEVOLKING - GRONDSLAPEN - ART.3 EVRM
De klacht betreft de beslissing van de directie van de gevangenis van Antwerpen om klager te laten verblijven als grondslaper.
De klachtencommissie merkt vooreerst op dat de klacht betrekking heeft op klagers verblijf in zijn oude cel. Het verweer van de directie heeft betrekking op zijn nieuwe cel. De klachtencommissie heeft de directie daarom om bijkomende informatie gevraagd per e-mail d.d. 22 januari 2025, met name:
- hoe groot was klagers oude cel in oppervlakte?
- met hoeveel bewoners verbleven ze er?
- hoelang verbleef klager in deze cel?
De directie antwoordde hierop per kerende mails d.d. 22 en 23 januari 2025:
“Betrokkene verbleef van 12/12/24 tot 18/12/24 op cel 2112, met 2 andere celgenoten. Het is een van de ruimere duocellen op sectie 3, met 10,4 m². Dat is inclusief het sanitair gedeelte (dat afgesloten is).”
Uit bijkomende informatie van de maandcommissaris blijkt dat de cel exclusief het sanitair gedeelte 9,55 m² is en dat het toilet is afgeschermd met een schuifdeur.
De klachtencommissie moet oordelen of het verblijf op deze cel verenigbaar is met artikel 3 EVRM, het verbod op foltering, onmenselijke en vernederende behandeling. In casu geldt er geen vermoeden van een schending van artikel 3 EVRM, aangezien klager over (iets) meer dan 3m² persoonlijke ruimte beschikte gedurende zijn verblijf op zijn oude cel. De klachtencommissie kan dan ook geen onwettigheid vaststellen. Om die reden is de klacht ongegrond.
De klacht betreft de beslissing van de directie van de gevangenis van Antwerpen om klager te laten verblijven als grondslaper.
De klachtencommissie merkt vooreerst op dat de klacht betrekking heeft op klagers verblijf in zijn oude cel. Het verweer van de directie heeft betrekking op zijn nieuwe cel. De klachtencommissie heeft de directie daarom om bijkomende informatie gevraagd per e-mail d.d. 22 januari 2025, met name:
- hoe groot was klagers oude cel in oppervlakte?
- met hoeveel bewoners verbleven ze er?
- hoelang verbleef klager in deze cel?
De directie antwoordde hierop per kerende mails d.d. 22 en 23 januari 2025:
“Betrokkene verbleef van 12/12/24 tot 18/12/24 op cel 2112, met 2 andere celgenoten. Het is een van de ruimere duocellen op sectie 3, met 10,4 m². Dat is inclusief het sanitair gedeelte (dat afgesloten is).”
Uit bijkomende informatie van de maandcommissaris blijkt dat de cel exclusief het sanitair gedeelte 9,55 m² is en dat het toilet is afgeschermd met een schuifdeur.
De klachtencommissie moet oordelen of het verblijf op deze cel verenigbaar is met artikel 3 EVRM, het verbod op foltering, onmenselijke en vernederende behandeling. In casu geldt er geen vermoeden van een schending van artikel 3 EVRM, aangezien klager over (iets) meer dan 3m² persoonlijke ruimte beschikte gedurende zijn verblijf op zijn oude cel. De klachtencommissie kan dan ook geen onwettigheid vaststellen. Om die reden is de klacht ongegrond.