TUCHT
Het eerste rapport aan de directeur (RAD) beschrijft een celcontrole waarbij meerdere verboden voorwerpen waaronder ook een smartphone en drugs werden gevonden. Het tweede RAD beschrijft hoe klager in een discussie kwam waar hij ook fysiek agressief werd toen klager probeerde om de gevonden voorwerpen van de celcontrole terug te nemen. Daarna zou hij ook een PBA hebben beledigd.
Met betrekking tot de tuchtinbreuken “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee” en “het bezit of het gebruik van technologische middelen die onregelmatige communicatie met de buitenwereld mogelijk maken”, meent de klachtencommissie dat de twee RAD’s duidelijk zijn. Het is niet onredelijk voor de directie om de feiten zoals beschreven in de RAD’s bewezen te achten. De directie heeft dit afdoende gemotiveerd in haar tuchtbeslissing.
Over de tuchtinbreuk “het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties” wordt echter niets gezegd in de tuchtbeslissing. De directie motiveert niet waarom de gevonden drugs toegerekend kunnen worden aan klager. Deze tuchtinbreuk kan dan ook niet weerhouden worden.
De klacht is gedeeltelijk gegrond. Ondanks het schrappen van een van de drie tuchtinbreuken, behoudt de klachtencommissie de sanctie van 30 dagen afzondering in de aan de gedetineerde toegewezen verblijfsruimte (ATV).
Het eerste rapport aan de directeur (RAD) beschrijft een celcontrole waarbij meerdere verboden voorwerpen waaronder ook een smartphone en drugs werden gevonden. Het tweede RAD beschrijft hoe klager in een discussie kwam waar hij ook fysiek agressief werd toen klager probeerde om de gevonden voorwerpen van de celcontrole terug te nemen. Daarna zou hij ook een PBA hebben beledigd.
Met betrekking tot de tuchtinbreuken “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee” en “het bezit of het gebruik van technologische middelen die onregelmatige communicatie met de buitenwereld mogelijk maken”, meent de klachtencommissie dat de twee RAD’s duidelijk zijn. Het is niet onredelijk voor de directie om de feiten zoals beschreven in de RAD’s bewezen te achten. De directie heeft dit afdoende gemotiveerd in haar tuchtbeslissing.
Over de tuchtinbreuk “het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties” wordt echter niets gezegd in de tuchtbeslissing. De directie motiveert niet waarom de gevonden drugs toegerekend kunnen worden aan klager. Deze tuchtinbreuk kan dan ook niet weerhouden worden.
De klacht is gedeeltelijk gegrond. Ondanks het schrappen van een van de drie tuchtinbreuken, behoudt de klachtencommissie de sanctie van 30 dagen afzondering in de aan de gedetineerde toegewezen verblijfsruimte (ATV).