KC02/24-0224
Non fondée
Irrecevable
KC - Antwerpen
Commission des plaintes
Mesure provisoire
Pas de décision du directeur
VOORLOPIGE MAATREGEL - SANCTIE
De klacht is ten eerste gericht tegen een voorlopige maatregel naar aanleiding van een incident waarbij klager zijn behoefte heeft gedaan in een wachtruimte. Het gaat volgens de klachtencommissie inderdaad om een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid, waarvoor de directie een voorlopige maatregel kan opleggen. De klachtencommissie beveelt aan om ook in de beslissing aan te geven waarom een voorlopige maatregel nodig was en waarom men voor een bepaalde maatregel heeft gekozen. Uit het RAD blijkt voor de klachtencommissie echter duidelijk de redenen waarom de directie een voorlopige maatregel heeft opgelegd. De beslissing voldoet aan de vereisten van de Basiswet. De klacht is niet gegrond.
Klager stelt ten tweede in zijn klacht dat hij ATV’s en BVM’s kreeg opgelegd die hem niet werden betekend. De klachtencommissie stelt vast dat het gaat om de verderzetting van de ATV uit de tuchtbeslissingen van 23 juli 2024 en 30 juli 2024, nadat andere maatregelen eerst werden opgelegd. Deze problematiek wordt behandeld in de beslissingen KC02/24-0219 & KC02/24-0222 en KC02/24-0231. De klacht is niet-ontvankelijk.
De klacht is ten eerste gericht tegen een voorlopige maatregel naar aanleiding van een incident waarbij klager zijn behoefte heeft gedaan in een wachtruimte. Het gaat volgens de klachtencommissie inderdaad om een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid, waarvoor de directie een voorlopige maatregel kan opleggen. De klachtencommissie beveelt aan om ook in de beslissing aan te geven waarom een voorlopige maatregel nodig was en waarom men voor een bepaalde maatregel heeft gekozen. Uit het RAD blijkt voor de klachtencommissie echter duidelijk de redenen waarom de directie een voorlopige maatregel heeft opgelegd. De beslissing voldoet aan de vereisten van de Basiswet. De klacht is niet gegrond.
Klager stelt ten tweede in zijn klacht dat hij ATV’s en BVM’s kreeg opgelegd die hem niet werden betekend. De klachtencommissie stelt vast dat het gaat om de verderzetting van de ATV uit de tuchtbeslissingen van 23 juli 2024 en 30 juli 2024, nadat andere maatregelen eerst werden opgelegd. Deze problematiek wordt behandeld in de beslissingen KC02/24-0219 & KC02/24-0222 en KC02/24-0231. De klacht is niet-ontvankelijk.