KC02/21-0106
Non fondée
Fondée
KC - Antwerpen
Commission des plaintes
Disciplinaire
Mesure d'ordre
TUCHT - ORDEMAATREGEL - ONTSLAG - ARBEID - CELMUTATIE
De klacht is gericht tegen een tuchtbeslissing van 7 dagen ATV omwille van de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen of de bedreiging daarmee. De directie kon aan klager een tuchtbeslissing opleggen, omdat klager niet ontkent dat hij heeft geduwd. Klager zegt tijdens de tuchthoorzitting “Nee, nee, ik heb die weggeduwd”. De directie meent dat beide gedetineerden, zowel klager als zijn celgenoot zich schuldig hebben gemaakt aan de tuchtinbreuk van de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit. Volgens de Klachtencommissie kon de directie klager schuldig achten. De klacht tegen de tuchtbeslissing is ongegrond.
Het ontslag als fatiek staat in de tuchtbeslissing genoteerd, met name: “Betrokkene werkzaam was als fatiek en dergelijk gedrag als fatiek niet getolereerd kan worden. Bijgevolg kan hij geen job met bewegingsvrijheid meer genieten maar hij mag op de lijst voor ander werk.”
Gelet op de tuchtinbreuk die de directie bewezen acht, is de Klachtencommissie van mening dat klager ontslagen kon worden als fatiek. De beslissing tot ontslag is redelijk en billijk, maar moest wel genomen worden met een schriftelijke gemotiveerde ordemaatregel. De klacht tegen de ordemaatregel tot ontslag is gegrond gelet op het gebrek aan een schriftelijk gemotiveerde ordemaatregel. Bovendien kan de beslissing tot afzetting van werk niet genomen worden in de tuchtbeslissing zelf, omdat het hierdoor een verdoken tuchtsanctie lijkt.
De directie kon in het geval van een zware vechtpartij beslissen om één van beide celgenoten te muteren naar een andere cel. Na de vechtpartij was het niet onredelijk of onbillijk om klager van cel te laten muteren. De Klachtencommissie meent immers dat een dergelijke beslissing duidelijk is ingegeven vanuit veiligheids- en voorzichtigheidsoverwegingen. De klacht tegen de celmutatie is ongegrond.
De klacht is gericht tegen een tuchtbeslissing van 7 dagen ATV omwille van de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen of de bedreiging daarmee. De directie kon aan klager een tuchtbeslissing opleggen, omdat klager niet ontkent dat hij heeft geduwd. Klager zegt tijdens de tuchthoorzitting “Nee, nee, ik heb die weggeduwd”. De directie meent dat beide gedetineerden, zowel klager als zijn celgenoot zich schuldig hebben gemaakt aan de tuchtinbreuk van de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit. Volgens de Klachtencommissie kon de directie klager schuldig achten. De klacht tegen de tuchtbeslissing is ongegrond.
Het ontslag als fatiek staat in de tuchtbeslissing genoteerd, met name: “Betrokkene werkzaam was als fatiek en dergelijk gedrag als fatiek niet getolereerd kan worden. Bijgevolg kan hij geen job met bewegingsvrijheid meer genieten maar hij mag op de lijst voor ander werk.”
Gelet op de tuchtinbreuk die de directie bewezen acht, is de Klachtencommissie van mening dat klager ontslagen kon worden als fatiek. De beslissing tot ontslag is redelijk en billijk, maar moest wel genomen worden met een schriftelijke gemotiveerde ordemaatregel. De klacht tegen de ordemaatregel tot ontslag is gegrond gelet op het gebrek aan een schriftelijk gemotiveerde ordemaatregel. Bovendien kan de beslissing tot afzetting van werk niet genomen worden in de tuchtbeslissing zelf, omdat het hierdoor een verdoken tuchtsanctie lijkt.
De directie kon in het geval van een zware vechtpartij beslissen om één van beide celgenoten te muteren naar een andere cel. Na de vechtpartij was het niet onredelijk of onbillijk om klager van cel te laten muteren. De Klachtencommissie meent immers dat een dergelijke beslissing duidelijk is ingegeven vanuit veiligheids- en voorzichtigheidsoverwegingen. De klacht tegen de celmutatie is ongegrond.