CP36/25-0630
Fondée
CP - Haren
Commission des plaintes
Autre décision directeur
VERZUIM - GEZONDHEID - TEGEMOETKOMING
- Over de ontvankelijkheid
Uit de stukken van het dossier en uit hetgeen ter zitting werd verklaard, blijkt dat klager en zijn omgeving de directie gedurende meerdere maanden herhaaldelijk hebben aangesproken over de medische situatie van klager en over het uitblijven van bepaalde medische zorgen.
De klachtencommissie stelt vast dat de directie geen administratief dossier of verweerschrift heeft overgemaakt en evenmin heeft aangetoond dat zij op deze verzoeken een beslissing heeft genomen of een standpunt heeft ingenomen.
Onder deze omstandigheden is de klachtencommissie van oordeel dat de klacht gericht is tegen een beweerd verzuim een beslissing te nemen binnen een redelijke termijn in de zin van artikel 148 van de Basiswet.
De klacht is derhalve ontvankelijk.
- Over de gegrondheid
De klachtencommissie stelt vooreerst vast dat de directie geen administratief dossier noch een verweerschrift heeft overgemaakt. De klachtencommissie beschikt bijgevolg uitsluitend over de door klager voorgelegde stukken en de verklaringen die ter zitting werden afgelegd.
Uit deze stukken blijkt dat klager gedurende een langere periode herhaaldelijk melding heeft gemaakt van ernstige gezondheidsproblemen. Daarnaast heeft hij meermaals gewezen op moeilijkheden met de uitvoering van de voorgeschreven medische behandeling en op het uitblijven van bepaalde gespecialiseerde consultaties.
Klager heeft bovendien verschillende keren de tussenkomst van de directie gevraagd. Zijn moeder heeft de directie eveneens herhaaldelijk aangeschreven. Niettegenstaande deze herhaalde verzoeken blijkt uit het dossier niet dat de directie een beslissing heeft genomen of aan klager heeft meegedeeld welke maatregelen werden genomen om zijn medische opvolging te verzekeren.
De klachtencommissie besluit dan ook dat de directie heeft nagelaten binnen een redelijke termijn een beslissing te nemen naar aanleiding van de aan haar gerichte verzoeken betreffende de medische opvolging van klager.
De klacht is bijgevolg gegrond.
Overeenkomstig artikel 163 van de Basiswet draagt de klachtencommissie de directie op om binnen een termijn van drie weken na de kennisgeving van deze beslissing contact op te nemen met de medische dienst en zich ervan te vergewissen dat voor klager een concreet plan voor de verdere medische opvolging wordt uitgewerkt en uitgevoerd.
Rekening houdend met de duur van de vastgestelde tekortkoming, de impact ervan op klager en zijn uitdrukkelijke vraag ter zitting, kent de klachtencommissie hem bovendien als tegemoetkoming één bijkomend begeleid bezoek met zijn dochter via de vzw "Relais Enfants-Parents" toe, tenzij een wettelijke of feitelijke tegenindicatie zich daartegen verzet.
- Over de ontvankelijkheid
Uit de stukken van het dossier en uit hetgeen ter zitting werd verklaard, blijkt dat klager en zijn omgeving de directie gedurende meerdere maanden herhaaldelijk hebben aangesproken over de medische situatie van klager en over het uitblijven van bepaalde medische zorgen.
De klachtencommissie stelt vast dat de directie geen administratief dossier of verweerschrift heeft overgemaakt en evenmin heeft aangetoond dat zij op deze verzoeken een beslissing heeft genomen of een standpunt heeft ingenomen.
Onder deze omstandigheden is de klachtencommissie van oordeel dat de klacht gericht is tegen een beweerd verzuim een beslissing te nemen binnen een redelijke termijn in de zin van artikel 148 van de Basiswet.
De klacht is derhalve ontvankelijk.
- Over de gegrondheid
De klachtencommissie stelt vooreerst vast dat de directie geen administratief dossier noch een verweerschrift heeft overgemaakt. De klachtencommissie beschikt bijgevolg uitsluitend over de door klager voorgelegde stukken en de verklaringen die ter zitting werden afgelegd.
Uit deze stukken blijkt dat klager gedurende een langere periode herhaaldelijk melding heeft gemaakt van ernstige gezondheidsproblemen. Daarnaast heeft hij meermaals gewezen op moeilijkheden met de uitvoering van de voorgeschreven medische behandeling en op het uitblijven van bepaalde gespecialiseerde consultaties.
Klager heeft bovendien verschillende keren de tussenkomst van de directie gevraagd. Zijn moeder heeft de directie eveneens herhaaldelijk aangeschreven. Niettegenstaande deze herhaalde verzoeken blijkt uit het dossier niet dat de directie een beslissing heeft genomen of aan klager heeft meegedeeld welke maatregelen werden genomen om zijn medische opvolging te verzekeren.
De klachtencommissie besluit dan ook dat de directie heeft nagelaten binnen een redelijke termijn een beslissing te nemen naar aanleiding van de aan haar gerichte verzoeken betreffende de medische opvolging van klager.
De klacht is bijgevolg gegrond.
Overeenkomstig artikel 163 van de Basiswet draagt de klachtencommissie de directie op om binnen een termijn van drie weken na de kennisgeving van deze beslissing contact op te nemen met de medische dienst en zich ervan te vergewissen dat voor klager een concreet plan voor de verdere medische opvolging wordt uitgewerkt en uitgevoerd.
Rekening houdend met de duur van de vastgestelde tekortkoming, de impact ervan op klager en zijn uitdrukkelijke vraag ter zitting, kent de klachtencommissie hem bovendien als tegemoetkoming één bijkomend begeleid bezoek met zijn dochter via de vzw "Relais Enfants-Parents" toe, tenzij een wettelijke of feitelijke tegenindicatie zich daartegen verzet.