CP08/22-0031
Fondée
CP - Forest/Berkendael
Commission des plaintes
Mesure provisoire
Disciplinaire
TUCHT - VOORLOPIGE MAATREGEL - STRAFCEL - TAAL
Naar aanleiding van een incident met een penitentiaire bewakingsagent, werd de klager op 12 juni 2022 onder een voorlopige maatregel geplaatst. Na een hoorzitting op 13 juni 2022, werd hem een tuchtsanctie opgelegd van 7 dagen strafcel.
Doordat de directie thans nalaat om het volledige administratief dossier voor te leggen, besluit de klachtencommissie in navolging van de rechtspraak van de Raad van State dat de afwezigheid van een dossier gelijkgesteld wordt met de afwezigheid van deugdelijke motieven waarop de bestreden beslissingen zijn gesteund. Het enige stuk dat wel werd overgemaakt, werd bovendien opgesteld in de Franse taal, terwijl klager zich bedient van het Nederlands. Wat betreft de omstandigheden waarin klager in de strafcel diende te verblijven en die hij uitvoerig beschrijft in zijn klacht, stelt de klachtencommissie vast dat er geen enkel bezoek door een arts werd geregistreerd gedurende de eerste drie dagen van zijn verblijf in de strafcel, hetgeen in strijd is met artikel 137 §2 van de Basiswet.
De klacht is gegrond. De klachtencommissie vernietigt de voorlopige maatregel en navolgende tuchtsanctie. De klachtencommissie kent aan de klager geen tegemoetkoming toe.
Naar aanleiding van een incident met een penitentiaire bewakingsagent, werd de klager op 12 juni 2022 onder een voorlopige maatregel geplaatst. Na een hoorzitting op 13 juni 2022, werd hem een tuchtsanctie opgelegd van 7 dagen strafcel.
Doordat de directie thans nalaat om het volledige administratief dossier voor te leggen, besluit de klachtencommissie in navolging van de rechtspraak van de Raad van State dat de afwezigheid van een dossier gelijkgesteld wordt met de afwezigheid van deugdelijke motieven waarop de bestreden beslissingen zijn gesteund. Het enige stuk dat wel werd overgemaakt, werd bovendien opgesteld in de Franse taal, terwijl klager zich bedient van het Nederlands. Wat betreft de omstandigheden waarin klager in de strafcel diende te verblijven en die hij uitvoerig beschrijft in zijn klacht, stelt de klachtencommissie vast dat er geen enkel bezoek door een arts werd geregistreerd gedurende de eerste drie dagen van zijn verblijf in de strafcel, hetgeen in strijd is met artikel 137 §2 van de Basiswet.
De klacht is gegrond. De klachtencommissie vernietigt de voorlopige maatregel en navolgende tuchtsanctie. De klachtencommissie kent aan de klager geen tegemoetkoming toe.