Ga verder naar de inhoud

BC/25-0132

Fondée Beroepscommissie Commission d'Appel Transfèrement
OVERPLAATSING

De beroepsindiener werd op 8 april 2025 overgeplaatst van de gevangenis van Haren naar de gevangenis van Brugge en gaat hiermee niet akkoord. De directrice-generaal vond zowel het bezwaarschrift als het beroep niet ontvankelijk, aangezien de beslissing tot overplaatsing volgens haar werd genomen door het federaal parket. De beroepsindiener werd definitief doorverwezen door de onderzoeksgerechten naar de correctionele rechtbank. De kortgedingrechter te Brussel meende, op het eerste gezicht en met een verwijzing naar de (bestreden) beslissing van de directrice-generaal van 28 april 2025, dat de dienst van het gevangeniswezen niet bevoegd zou zijn om een beslissing tot overplaatsing te nemen in het geval van de beroepsindiener. Gelet op het vermijden van een lacune die ertoe zou leiden dat er geen enkele dienst bevoegd zou zijn voor het bevelen van een overplaatsing tussen de afsluiting van het strafonderzoek en een uitspraak ten gronde, nam de kortgedingrechter aan dat de overplaatsingsbeslissing in kwestie kon worden genomen door het Openbaar Ministerie.

De beroepscommissie oordeelt dat er de lege lata echter geen dergelijke lacune bestaat, waarbij er geen enkele instantie bevoegd zou zijn voor het bevelen van de overplaatsing van een gedetineerde tussen het afsluiten van een gerechtelijk onderzoek en een definitieve (in kracht van gewijsde gegane) veroordeling. In de hypothese dat een gerechtelijk onderzoek is afgesloten en een zaak is doorverwezen naar het vonnisgerecht, blijft het de algemene bevoegdheid van de ambtenaren van de penitentiaire administratie om te beslissen over overplaatsingen van ‘gedetineerden’, overeenkomstig artikel 18, § 1 Basiswet en dit onverminderd andersluidende wettelijke bepalingen. Indien hierover anders zou worden geoordeeld, zou dit met zich meebrengen dat het Openbaar Ministerie in principe de algemeen bevoegde instantie zou zijn om te beslissen over de overplaatsing van iedere gedetineerde in de periode tussen een doorverwijzing door een onderzoeksgerecht naar een vonnisgerecht en het in kracht van gewijsde treden van de uitspraak van het vonnisgerecht. Het federaal parket kan vanzelfsprekend wel een gemotiveerd advies verlenen aan het directoraat-generaal van de penitentiaire inrichtingen, die daaropvolgend overeenkomstig artikel 18 Basiswet beslist over de overplaatsing.

Het beroep is gegrond.