TUCHT
Klager heeft beroep ingediend tegen de beslissing van de klachtencommissie waarbij zijn klacht tegen een tuchtbeslissing ontvankelijk, maar ongegrond werd verklaard. Tijdens de uitvoering van een eerdere tuchtsanctie (dertig dagen ATV) pleegde klager nieuwe tuchtfeiten (er werden twee verstopte gsm’s aangetroffen tijdens een celcontrole). Hij kreeg opnieuw dertig dagen ATV, maar de directie liet een termijn van 24 uur tussen beide sancties. De klachtencommissie verwees naar een arrest van de Raad van State (nr. 260.166 van 18 juni 2024) en stelde dat deze praktijk conform die rechtspraak is. De beroepscommissie is daarentegen van oordeel dat de ‘techniek’ waarvan sprake niet meer is dan een kunstgreep die juist flagrant ingaat tegen de bedoeling van de wetgever om de ingrijpende sanctie van afzondering op beperkte wijze en omzichtig toe te passen. Dergelijke ‘techniek’ aanvaarden, zou juist leiden tot misbruik waarbij een gedetineerde tot zelfs meer dan 45 dagen (behoudens een dag tussenpauze) onder ATV zou doorbrengen, zoals in casu in totaal zelfs 61 dagen (behoudens 28 maart 2025) en dat zelfs voor feiten die geen ‘zware aanslag op de fysieke integriteit’ uitmaken. Het beroep is ontvankelijk en gegrond.
Klager heeft beroep ingediend tegen de beslissing van de klachtencommissie waarbij zijn klacht tegen een tuchtbeslissing ontvankelijk, maar ongegrond werd verklaard. Tijdens de uitvoering van een eerdere tuchtsanctie (dertig dagen ATV) pleegde klager nieuwe tuchtfeiten (er werden twee verstopte gsm’s aangetroffen tijdens een celcontrole). Hij kreeg opnieuw dertig dagen ATV, maar de directie liet een termijn van 24 uur tussen beide sancties. De klachtencommissie verwees naar een arrest van de Raad van State (nr. 260.166 van 18 juni 2024) en stelde dat deze praktijk conform die rechtspraak is. De beroepscommissie is daarentegen van oordeel dat de ‘techniek’ waarvan sprake niet meer is dan een kunstgreep die juist flagrant ingaat tegen de bedoeling van de wetgever om de ingrijpende sanctie van afzondering op beperkte wijze en omzichtig toe te passen. Dergelijke ‘techniek’ aanvaarden, zou juist leiden tot misbruik waarbij een gedetineerde tot zelfs meer dan 45 dagen (behoudens een dag tussenpauze) onder ATV zou doorbrengen, zoals in casu in totaal zelfs 61 dagen (behoudens 28 maart 2025) en dat zelfs voor feiten die geen ‘zware aanslag op de fysieke integriteit’ uitmaken. Het beroep is ontvankelijk en gegrond.
Er werd een klachtendossier met referentie KC05/25-0085 opgestart