Ga verder naar de inhoud

BC/25-0015

Fondée Beroepscommissie Commission d'Appel Pas de décision du directeur
ONTVANKELIJKHEID - FEITELIJKE HANDELING

De klacht is gericht tegen het feit dat de klager niet mocht douchen, hoewel hij die dag wel had gewerkt. De klachtencommissie verklaarde de klacht ontvankelijk en gegrond. De klachtencommissie oordeelde dat de beslissing van de penitentiair beambte een beslissing namens de directie is en dat deze beslissing in strijd is met de bepaling in het huishoudelijk reglement van de gevangenis dat gedetineerden die werken, dagelijks kunnen douchen.
Uit het feitenrelaas van de klager, waarover geen discussie bestaat, blijkt dat de klager op de bewuste dag niet heeft kunnen douchen, omdat op het ogenblik waarop de beambte de celdeur opende om de klager te laten douchen, de klager aangaf niet klaar te zijn om te kunnen gaan douchen. Hij vroeg de beambte een tiental minuten later terug te komen: zijn eten stond in de oven en zou, wanneer hij ging douchen, aanbranden en hij moest nodig naar het toilet. De beambte sloot hierop de deur. Hij kreeg die dag niet meer de mogelijkheid om te douchen.
Uit het huishoudelijk reglement put de klager geen recht om te gaan douchen op het ogenblik dat voor hem het best past. Aan de klager werd de mogelijkheid geboden om te gaan douchen. Uit niets blijkt dat de handelwijze van de beambte werd ingegeven door de bedoeling aan de klager het douchemoment te ontzeggen.
Er is dan ook geen sprake van een beslissing door of namens de directie. De handelwijze van de penitentiair beambte bij de organisatie van het douchemoment, waarbij celdeuren, en dus ook de celdeur van de klager, worden geopend en gesloten, is een louter feitelijk handelen waartegen geen beklag kan worden ingediend.
De klacht is dan ook niet-ontvankelijk.