Ga verder naar de inhoud

BC/24-0340

Non fondée Beroepscommissie Commission d'Appel
INDIVIDUEEL BIJZONDER VEILIGHEIDSREGIME - HERNIEUWING - ONPARTIJDIGHEID - RECHT OP TEGENSPRAAK

Over de proportionaliteit van het IBVR is de beroepscommissie van oordeel dat uit de beslissing van de directeur-generaal nog steeds blijkt dat er een actuele bedreiging van de veiligheid bestaat, die een IBVR en de hierbij opgelegde maatregelen verantwoordt.

Over de schending van het recht op tegenspraak stelt de beroepscommissie dat gelet op de vertrouwelijkheid deze informatie in ieder geval niet inhoudelijk gedeeld kon worden met de gedetineerde, zodat het tijdstip van het verkrijgen van deze informatie in dit dossier geen negatieve invloed heeft gehad op het recht op tegenspraak. De beroepscommissie herhaalt in dat kader dat zij door de systematische inzage in het register conform art. 8 § 1 laatste lid van de basiswet de rechterlijke controle conform artikel 6 EVRM garandeert en op die manier de rechten van verdediging van de gedetineerde waarborgt.

De beroepscommissie is van oordeel dat de directeur-generaal artikel 8 van de basiswet niet schendt door niet te vermelden van welke veiligheidsinstantie de informatie afkomstig is. Artikel 8 handelt enkel over uitdrukkelijke motivering van bestuurshandelingen maar spreekt zich niet uit over bron van de informatie. Uit artikel 8 van de Basiswet blijkt niet dat de identiteit van de veiligheidsinstantie die de informatie verstrekt moet kenbaar gemaakt worden.