REGIMEMUTATIE
Klager tekende beroep aan tegen de beslissing van de klachtencommissie waarbij zijn klacht over een interne mutatie van een open naar een gesloten afdeling ontvankelijk, maar niet gegrond werd verklaard. De beroepscommissie kan de klachtencommissie volgen waar zij heeft geoordeeld dat de ordemaatregel niet met een bestraffend oogmerk werd genomen, maar louter was ingegeven vanuit de overweging dat het bezitten van verboden voorwerpen (een gsm-toestel, bijhorende lader en een radiospeler met usb-stick) onverenigbaar is met een verder verblijf op een open afdeling. De directie heeft haar beslissing voldoende gemotiveerd. Waar klager stelde dat hij op de gesloten afdeling met een roker moest verblijven, dient de beroepscommissie vast te stellen dat klager weinig informatie heeft aangebracht, behalve de algemene vermelding dat hij met rokers op cel moet zitten en dit niet wil. De periode waarin klager met een roker op cel moest verblijven was zeer kort. Daarenboven blijkt dat de directie wel degelijk rekening hield met het feit dat klager niet met rokers op cel wenste te verblijven en zij hiervoor actief naar oplossingen zocht. In haar verweer bevestigt de directie dat een dergelijke oplossing uiteindelijk werd gevonden. Het beroep is ontvankelijk, maar niet gegrond.
Klager tekende beroep aan tegen de beslissing van de klachtencommissie waarbij zijn klacht over een interne mutatie van een open naar een gesloten afdeling ontvankelijk, maar niet gegrond werd verklaard. De beroepscommissie kan de klachtencommissie volgen waar zij heeft geoordeeld dat de ordemaatregel niet met een bestraffend oogmerk werd genomen, maar louter was ingegeven vanuit de overweging dat het bezitten van verboden voorwerpen (een gsm-toestel, bijhorende lader en een radiospeler met usb-stick) onverenigbaar is met een verder verblijf op een open afdeling. De directie heeft haar beslissing voldoende gemotiveerd. Waar klager stelde dat hij op de gesloten afdeling met een roker moest verblijven, dient de beroepscommissie vast te stellen dat klager weinig informatie heeft aangebracht, behalve de algemene vermelding dat hij met rokers op cel moet zitten en dit niet wil. De periode waarin klager met een roker op cel moest verblijven was zeer kort. Daarenboven blijkt dat de directie wel degelijk rekening hield met het feit dat klager niet met rokers op cel wenste te verblijven en zij hiervoor actief naar oplossingen zocht. In haar verweer bevestigt de directie dat een dergelijke oplossing uiteindelijk werd gevonden. Het beroep is ontvankelijk, maar niet gegrond.