Ga verder naar de inhoud

BC/24-0219

Fondée Beroepscommissie Commission d'Appel
VRIJE TIJD

Klager diende initieel zeven klachten in bij de klachtencommissie. Eén van die klachten betrof het feit dat klager tijdens een bepaalde week niet naar de bibliotheek kon gaan. De klachtencommissie verklaarde de klacht ontvankelijk en gegrond omdat enerzijds niet betwist werd dat klager in die week de bibliotheek niet kon bezoeken en anderzijds omdat de directie geen redenen gaf waarom de bibliotheek in die periode gesloten was.

De derde klacht gaat over het feit dat klager tijdens een bepaalde week niet naar de bibliotheek kon gaan. Het wordt niet betwist dat klager in de door hem vermelde periode de bibliotheek niet kon bezoeken. De directie gaf ook geen redenen waarom de bibliotheek in die periode gesloten was. De derde klacht is ontvankelijk en gegrond.

De beroepscommissie is echter van oordeel dat er in dit dossier geen sprake is van een geïndividualiseerde beslissing ten aanzien van klager. Er is geen sprake van een weigeringsbeslissing vanwege de directie of het penitentiair personeel, noch van een bewezen verzuim om te reageren. Noch uit de klacht, noch uit het beroepschrift blijkt dat klager de directie heeft bevraagd over de gesloten bibliotheek. Er kan dan ook geen sprake zijn van een geïndividualiseerde beslissing jegens klager, noch van een verzuim om een beslissing te nemen.  

De initiële klacht moest onontvankelijk worden verklaard. Het beroep is gegrond.