Ga verder naar de inhoud

BC/23-0124

Non fondée Beroepscommissie Commission d'Appel Régime de sécurité particulier individuel
INDIVIDUEEL BIJZONDER VEILIGHEIDSREGIME - HERNIEUWING

In dit dossier bevestigt de beroepscommissie een beslissing van de directeur-generaal. Het beroep, dat ingediend werd door de gedetineerde, wordt ontvankelijk doch ongegrond verklaard.

De bestreden beslissing van de directeur-generaal strekte tot hernieuwing van het IBVR. Die beslissing kwam er op aanvraag van de directie, nadat er enkele agressie-incidenten hadden plaatsgevonden. Samengevat stelt de beroepsindiener in zijn beroepsschrift dat hij te weinig beweegruimte en te weinig contact met medegedetineerden heeft. Ook zou de directie telkens een pro-deo advocaat voor de beroepsindiener toewijzen, terwijl deze een vaste advocaat heeft.

In de eerste plaats onderzoekt de beroepscommissie de ontvankelijkheid van het beroep. Die wordt namelijk betwist door de directeur-generaal, die meent dat de beroepstermijn verstreken was. Aangezien het echter onduidelijk was wanneer de beroepsindiener kennis kon nemen van de beslissing van de directeur-generaal, beslist de beroepscommissie dat het beroep toch ontvankelijk is.

Bij het onderzoeken van de gegrondheid van het beroep, somt de beroepscommissie vooreerst de inhoudelijke voorwaarden uit artikel 116 Basiswet op. Enkel wanneer er aan die voorwaarden voldaan is, kan een beslissing tot IBVR genomen worden. De beroepscommissie is van oordeel dat die voorwaarden werden nageleefd. Zo is de beroepsindiener nog steeds een actuele bedreiging voor de veiligheid in de gevangenis, gelet op de recente agressie-incidenten. Ook op vlak van de proportionaliteit en de billijkheid is er geen probleem. Omdat ook de procedurele voorwaarden werden nageleefd, bevestigt de beroepscommissie de beslissing van de directeur-generaal. Het beroep wordt ongegrond verklaard.