Ga verder naar de inhoud

BC/21-0205

Fondée Beroepscommissie Commission d'Appel Transfèrement
OVERPLAATSING - MOTIVERING - TAALGEBRUIK

De louter praktische moeilijkheden voor de administratie waarnaar wordt verwezen in de bestreden beslissing (voortvloeiende uit zijn precair verblijfstatuut, de ‘wijziging van taalrol’ en spreiding van Celex-profielen), kunnen niet gelden als een deugdelijke resp. voldoende motieven. De Directeur-Generaal is zich hier klaarblijkelijk ook van bewust, aangezien zij in haar verweer een doorgedreven veiligheidsrisico a posteriori bestempelt als het determinerende motief voor de weigering. Deze a posteriori motivering vindt bovendien geen steun in de stukken van het dossier, dat in het bijzonder de voorbereidende akten zoals vooropgesteld in de BIEX-instructies niet bevat (de beslissing van de regionale directie na advies van CelEx en PSD). Tot slot zijn de niet nader bepaalde individuele veiligheidsmotieven intern tegenstrijdig met de vaststelling dat appellant de beveiligde sectie mocht verlaten en op een open sectie werd toegelaten, nadat de lokale directie uitsluitend positief was over het detentiegedrag van appellant. Gelet op zijn positief detentiegedrag en de duidelijke wil om te reïntegreren, is de taalbarrière die appellant ondervindt in de PI de enige factor die zijn effectieve toegang tot re-integratie (en in het bijzonder de diensten van CAPREV en de PSD) beperkt.