KC33/24-0129
Fondée
Irrecevable
KC - Wortel
Commission des plaintes
Mesure provisoire
Pas de décision du directeur
(1) MEDISCH – GEEN BESLISSING DIRECTEUR – BEVOEGDHEID (2) VOORLOPIGE MAATREGEL
Klager zet in zijn klachtenformulier uiteen dat hij een klacht indient tegen een voorlopige maatregel. Hij is het niet eens met de voorlopige maatregel omdat hij geslagen werd op de wandeling en toch nog gestraft werd. Hij heeft ook een klacht ingediend tegen het feit dat hij geen medische verzorging heeft gekregen.
(1) Wat betreft de klacht m.b.t. de medische zorg
De klachtencommissie kan uit de klachten van klager geen beslissing van de directeur ontwaren. De directeur heeft geen invloed op de beslissingen of werkwijze van de medische dienst.
De klacht m.b.t. de medische zorg is dan ook niet-ontvankelijk.
(2) Wat betreft de klacht m.b.t. de voorlopige maatregel
De klachtencommissie stelt vast dat een “dd. Penitentiair Assistent” de beslissing tot het opleggen van de voorlopige maatregel ‘voor de directeur, afwezig tijdens de handtekening’ ondertekend heeft, en niet de directeur zelf.
Uit een beslissing van de beroepscommissie blijkt echter dat een dergelijke delegatie aan ander personeel in de Basiswet enkel bij bijzondere veiligheidsmaatregelen en niet in het kader van tucht wordt voorzien. Door in een dergelijke delegatie te voorzien, gaat de Collectieve Brief nr. 124 verder dan hetgeen op heden in de Basiswet wordt bepaald. Zodoende is het enkel de directeur, zonder uitzondering, die een voorlopige maatregel in het kader van een tuchtprocedure kan opleggen.
Uit de beschikbare stukken blijkt dat de voorlopige maatregel niet werd bevolen door de directie, maar door een ander personeelslid. De voorlopige maatregel werd dus niet opgelegd volgens de vereisten van artikel 145 van de Basiswet.
Om deze redenen is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de voorlopige maatregel.
Klager zet in zijn klachtenformulier uiteen dat hij een klacht indient tegen een voorlopige maatregel. Hij is het niet eens met de voorlopige maatregel omdat hij geslagen werd op de wandeling en toch nog gestraft werd. Hij heeft ook een klacht ingediend tegen het feit dat hij geen medische verzorging heeft gekregen.
(1) Wat betreft de klacht m.b.t. de medische zorg
De klachtencommissie kan uit de klachten van klager geen beslissing van de directeur ontwaren. De directeur heeft geen invloed op de beslissingen of werkwijze van de medische dienst.
De klacht m.b.t. de medische zorg is dan ook niet-ontvankelijk.
(2) Wat betreft de klacht m.b.t. de voorlopige maatregel
De klachtencommissie stelt vast dat een “dd. Penitentiair Assistent” de beslissing tot het opleggen van de voorlopige maatregel ‘voor de directeur, afwezig tijdens de handtekening’ ondertekend heeft, en niet de directeur zelf.
Uit een beslissing van de beroepscommissie blijkt echter dat een dergelijke delegatie aan ander personeel in de Basiswet enkel bij bijzondere veiligheidsmaatregelen en niet in het kader van tucht wordt voorzien. Door in een dergelijke delegatie te voorzien, gaat de Collectieve Brief nr. 124 verder dan hetgeen op heden in de Basiswet wordt bepaald. Zodoende is het enkel de directeur, zonder uitzondering, die een voorlopige maatregel in het kader van een tuchtprocedure kan opleggen.
Uit de beschikbare stukken blijkt dat de voorlopige maatregel niet werd bevolen door de directie, maar door een ander personeelslid. De voorlopige maatregel werd dus niet opgelegd volgens de vereisten van artikel 145 van de Basiswet.
Om deze redenen is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de voorlopige maatregel.