KC32/26-0058
Non fondée
KC - Turnhout
Commission des plaintes
Fouille à corps
FOUILLERING - SUBSIDIARITEIT - MOTIVERING
Een onderzoek aan het lichaam is volgens de Basiswet enkel gerechtvaardigd wanneer er individuele aanwijzingen zijn om te vermoeden dat een gedetineerde in het bezit is van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk kunnen zijn én dat een onderzoek aan de kledij niet zou volstaan om deze voorwerpen of substanties te vinden. De directeur bezorgt zijn beslissing met daarin de motivering voor de naaktfouillering schriftelijk aan de gedetineerde uiterlijk 24 uur nadat de naaktfouillering heeft plaatsgevonden.
De klachtencommissie is vooreerst van oordeel dat uit de motivering van de beslissing tot fouillering op het lichaam duidelijk blijkt wat de individuele aanwijzingen zijn om te vermoeden dat een gedetineerde in het bezit is van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk kunnen zijn. Uit het meldingsverslag en uit de motivering van de fouillering op het lichaam blijkt immers dat klager samen met een twintigtal gedetineerden betrokken was bij het openen en/of verdelen van de inhoud van een pakket dat via een drone boven de wandeling was gedropt. Het feit dat klager op de wandeling niet in de buurt zou zijn geweest van het pakket, zoals klager stelt in zijn klacht, is voor de klachtencommissie onvoldoende om de individuele aanwijzingen te weerleggen. Gelet op de noodzaak dat de naaktfouillering direct na de wandeling zou worden uitgevoerd om de inhoud van het gedropte pakket te kunnen onderscheppen, is de klachtencommissie bovendien van oordeel dat de directie, na het oproepen van de politiediensten voor de uitvoering van de naaktfouillering, niet noodzakelijk eerst de camerabeelden had moeten bekijken. Klager was immers aanwezig op de wandeling en de klachtencommissie is van oordeel dat het meldingsverslag voldoende duidelijk werd opgesteld.
De stelling van klager in zijn klacht dat er tijdens de fouillering geen verboden voorwerpen of substanties werden aangetroffen, is volgens de klachtencommissie geenszins een argument waaruit zou kunnen worden afgeleid dat de beslissing tot fouillering zelf niet had mogen worden genomen. Er moet immers spraken zijn van individuele aanwijzingen om te vermoeden dat een gedetineerde in het bezit is van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk kunnen zijn, dit betekent niet dat er effectief iets gevonden moet worden.
Hoewel de klachtencommissie inderdaad van oordeel is dat, gelet op de fysieke integriteit van personen, een naaktfouillering met de nodige terughoudendheid moet worden toegepast en enkel als ultimum remedium kan dienen, zoals klager aanhaalt, is de klachtencommissie daarnaast van oordeel dat ook aan deze voorwaarde voldaan is. In tegenstelling tot wat klager stelt, namelijk dat er in de motivering geen redenen zouden zijn gegeven waarom een fouillering aan de kledij niet zou volstaan, wijst de klachtencommissie erop dat de directie dit aspect wel degelijk heeft gemotiveerd. Het subsidiariteitsbeginsel uit artikel 108 van de Basiswet en de motiveringsplicht zijn bijgevolg niet geschonden.
Een onderzoek aan het lichaam is volgens de Basiswet enkel gerechtvaardigd wanneer er individuele aanwijzingen zijn om te vermoeden dat een gedetineerde in het bezit is van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk kunnen zijn én dat een onderzoek aan de kledij niet zou volstaan om deze voorwerpen of substanties te vinden. De directeur bezorgt zijn beslissing met daarin de motivering voor de naaktfouillering schriftelijk aan de gedetineerde uiterlijk 24 uur nadat de naaktfouillering heeft plaatsgevonden.
De klachtencommissie is vooreerst van oordeel dat uit de motivering van de beslissing tot fouillering op het lichaam duidelijk blijkt wat de individuele aanwijzingen zijn om te vermoeden dat een gedetineerde in het bezit is van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk kunnen zijn. Uit het meldingsverslag en uit de motivering van de fouillering op het lichaam blijkt immers dat klager samen met een twintigtal gedetineerden betrokken was bij het openen en/of verdelen van de inhoud van een pakket dat via een drone boven de wandeling was gedropt. Het feit dat klager op de wandeling niet in de buurt zou zijn geweest van het pakket, zoals klager stelt in zijn klacht, is voor de klachtencommissie onvoldoende om de individuele aanwijzingen te weerleggen. Gelet op de noodzaak dat de naaktfouillering direct na de wandeling zou worden uitgevoerd om de inhoud van het gedropte pakket te kunnen onderscheppen, is de klachtencommissie bovendien van oordeel dat de directie, na het oproepen van de politiediensten voor de uitvoering van de naaktfouillering, niet noodzakelijk eerst de camerabeelden had moeten bekijken. Klager was immers aanwezig op de wandeling en de klachtencommissie is van oordeel dat het meldingsverslag voldoende duidelijk werd opgesteld.
De stelling van klager in zijn klacht dat er tijdens de fouillering geen verboden voorwerpen of substanties werden aangetroffen, is volgens de klachtencommissie geenszins een argument waaruit zou kunnen worden afgeleid dat de beslissing tot fouillering zelf niet had mogen worden genomen. Er moet immers spraken zijn van individuele aanwijzingen om te vermoeden dat een gedetineerde in het bezit is van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk kunnen zijn, dit betekent niet dat er effectief iets gevonden moet worden.
Hoewel de klachtencommissie inderdaad van oordeel is dat, gelet op de fysieke integriteit van personen, een naaktfouillering met de nodige terughoudendheid moet worden toegepast en enkel als ultimum remedium kan dienen, zoals klager aanhaalt, is de klachtencommissie daarnaast van oordeel dat ook aan deze voorwaarde voldaan is. In tegenstelling tot wat klager stelt, namelijk dat er in de motivering geen redenen zouden zijn gegeven waarom een fouillering aan de kledij niet zou volstaan, wijst de klachtencommissie erop dat de directie dit aspect wel degelijk heeft gemotiveerd. Het subsidiariteitsbeginsel uit artikel 108 van de Basiswet en de motiveringsplicht zijn bijgevolg niet geschonden.