KC32/25-0024
Non fondée
Irrecevable
KC - Turnhout
Commission des plaintes
Autre décision directeur
Pas de décision du directeur
REKENINGEN - GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID
De klacht werd ingediend in de gevangenis van Turnhout en handelt over: (1) het terugstorten van een storting die klager heeft ontvangen van de moeder van een medegedetineerde, (2) de reactie van een personeelslid op het bestellen van erotische DVD’s, (3) een aanvraag die op ‘bezig’ staat en (4) een aanvraag tot passieve openbaarheid van bestuur (zijn dossierinzage).
Over het terugstorten van een storting: ingevolge het normaliseringsbeginsel kan een gedetineerde geld ontvangen en overmaken aan eender welke persoon buiten de gevangenis. Financiële transacties tussen gedetineerden zijn echter wegens veiligheidsredenen verboden, behoudens individuele toelating door de directeur (art. 11 KB). Het Huishoudelijk Reglement (p. 10) herhaalt eveneens expliciet dat transacties tussen gedetineerden verboden zijn. De klachtencommissie is van mening dat deze bepaling erop gericht is om uiterst voorzichtig om te gaan met stortingen op de rekening van een gedetineerde en om ervoor te zorgen dat financiële transacties niet voortvloeien uit ongeoorloofde activiteiten tussen gedetineerden.
De klachtencommissie acht het derhalve begrijpelijk dat de gevangenisdirectie ernstige vraagtekens plaatste bij de beweegreden achter de storting van €350 door de moeder van een medegedetineerde naar klager. Aangezien dergelijke transacties risico’s kunnen inhouden voor de orde en veiligheid binnen de inrichting, acht de commissie het redelijk en billijk dat de directie heeft besloten om het geld terug te storten. Verder bepaalt artikel 8, §1 van de Basiswet dat alle beslissingen die in het kader van de wet worden genomen, met redenen moeten worden omkleed, tenzij de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van bestuurshandelingen een uitzondering voorziet. Artikel 4, 3° van deze wet stelt dat de motiveringsplicht niet van toepassing is wanneer de motivering afbreuk zou doen aan de eerbied voor het privéleven.
Gezien het feit dat een schriftelijke mededeling over de weigering van de transactie mogelijk de privacy van zowel de medegedetineerde als diens moeder zou hebben geschonden, oordeelt de klachtencommissie dat de gevangenisdirectie terecht geen schriftelijke motivering van deze beslissing heeft opgesteld. Om deze redenen is de klacht ongegrond.
Over de reactie van een personeelslid en de erotische DVD's: uit de formulering van de klacht blijkt echter dat klager zélf zijn bestelling van erotische DVD’s heeft geannuleerd. De klachtencommissie stelt vast dat klager de vraag om dergelijk materiaal te mogen bestellen niet expliciet aan de gevangenisdirectie heeft voorgelegd, waardoor de directie hierover geen formele beslissing heeft kunnen nemen. Bovendien kan de mededeling van het personeelslid niet worden beschouwd als een weigeringsbeslissing, aangezien deze enkel een informatief karakter had en geen afwijzing inhoudt. Volgens de klachtencommissie kan er dus met betrekking tot dit punt geen beslissing van de directie worden ontwaard. De klacht is bijgevolg niet-ontvankelijk.
Over de aanvraag die in 'bezig' staat: de klachtencommissie is van oordeel dat het feit dat er maar één bericht tegelijk kan worden gestuurd, te wijten aan het systeem zelf en niet aan een expliciete beslissing van de directie. Daarnaast kan klager papieren rapportbriefjes richten aan de directie. Aangezien er in dit verband geen sprake is van een directiebeslissing of van het verzuim om een beslissing te nemen, is de klacht niet-ontvankelijk.
Over de passieve openbaarheid van bestuur: klager voert aan dat hij al maanden een datum wenst te bekomen teneinde zijn dossier te kunnen inzien. Een louter feitelijk handelen van personeelsleden dat geen verband houdt met de uitvoering van een beslissing van de directie, valt op zichzelf, bij gebrek aan een beslissing van (of namens) de directie, niet onder het toepassingsgebied van het beklagrecht. De klachtencommissie meent dat de directie in het voorliggend dossier in elk geval géén opdracht gaf tot het al dan niet opzettelijk aan klager onthouden van het antwoord op de aanvraag passieve openbaarheid van bestuur. De klacht is derhalve niet-ontvankelijk
De klacht werd ingediend in de gevangenis van Turnhout en handelt over: (1) het terugstorten van een storting die klager heeft ontvangen van de moeder van een medegedetineerde, (2) de reactie van een personeelslid op het bestellen van erotische DVD’s, (3) een aanvraag die op ‘bezig’ staat en (4) een aanvraag tot passieve openbaarheid van bestuur (zijn dossierinzage).
Over het terugstorten van een storting: ingevolge het normaliseringsbeginsel kan een gedetineerde geld ontvangen en overmaken aan eender welke persoon buiten de gevangenis. Financiële transacties tussen gedetineerden zijn echter wegens veiligheidsredenen verboden, behoudens individuele toelating door de directeur (art. 11 KB). Het Huishoudelijk Reglement (p. 10) herhaalt eveneens expliciet dat transacties tussen gedetineerden verboden zijn. De klachtencommissie is van mening dat deze bepaling erop gericht is om uiterst voorzichtig om te gaan met stortingen op de rekening van een gedetineerde en om ervoor te zorgen dat financiële transacties niet voortvloeien uit ongeoorloofde activiteiten tussen gedetineerden.
De klachtencommissie acht het derhalve begrijpelijk dat de gevangenisdirectie ernstige vraagtekens plaatste bij de beweegreden achter de storting van €350 door de moeder van een medegedetineerde naar klager. Aangezien dergelijke transacties risico’s kunnen inhouden voor de orde en veiligheid binnen de inrichting, acht de commissie het redelijk en billijk dat de directie heeft besloten om het geld terug te storten. Verder bepaalt artikel 8, §1 van de Basiswet dat alle beslissingen die in het kader van de wet worden genomen, met redenen moeten worden omkleed, tenzij de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van bestuurshandelingen een uitzondering voorziet. Artikel 4, 3° van deze wet stelt dat de motiveringsplicht niet van toepassing is wanneer de motivering afbreuk zou doen aan de eerbied voor het privéleven.
Gezien het feit dat een schriftelijke mededeling over de weigering van de transactie mogelijk de privacy van zowel de medegedetineerde als diens moeder zou hebben geschonden, oordeelt de klachtencommissie dat de gevangenisdirectie terecht geen schriftelijke motivering van deze beslissing heeft opgesteld. Om deze redenen is de klacht ongegrond.
Over de reactie van een personeelslid en de erotische DVD's: uit de formulering van de klacht blijkt echter dat klager zélf zijn bestelling van erotische DVD’s heeft geannuleerd. De klachtencommissie stelt vast dat klager de vraag om dergelijk materiaal te mogen bestellen niet expliciet aan de gevangenisdirectie heeft voorgelegd, waardoor de directie hierover geen formele beslissing heeft kunnen nemen. Bovendien kan de mededeling van het personeelslid niet worden beschouwd als een weigeringsbeslissing, aangezien deze enkel een informatief karakter had en geen afwijzing inhoudt. Volgens de klachtencommissie kan er dus met betrekking tot dit punt geen beslissing van de directie worden ontwaard. De klacht is bijgevolg niet-ontvankelijk.
Over de aanvraag die in 'bezig' staat: de klachtencommissie is van oordeel dat het feit dat er maar één bericht tegelijk kan worden gestuurd, te wijten aan het systeem zelf en niet aan een expliciete beslissing van de directie. Daarnaast kan klager papieren rapportbriefjes richten aan de directie. Aangezien er in dit verband geen sprake is van een directiebeslissing of van het verzuim om een beslissing te nemen, is de klacht niet-ontvankelijk.
Over de passieve openbaarheid van bestuur: klager voert aan dat hij al maanden een datum wenst te bekomen teneinde zijn dossier te kunnen inzien. Een louter feitelijk handelen van personeelsleden dat geen verband houdt met de uitvoering van een beslissing van de directie, valt op zichzelf, bij gebrek aan een beslissing van (of namens) de directie, niet onder het toepassingsgebied van het beklagrecht. De klachtencommissie meent dat de directie in het voorliggend dossier in elk geval géén opdracht gaf tot het al dan niet opzettelijk aan klager onthouden van het antwoord op de aanvraag passieve openbaarheid van bestuur. De klacht is derhalve niet-ontvankelijk