Ga verder naar de inhoud

KC32/24-0174

Fondée KC - Turnhout Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT - GEÏNTERNEERDE - TOEREKENBAARHEID - MOTIVERING

Volgens de klachtencommissie voerde klager ter tuchtzitting geen tegenindicaties aan die doen twijfelen aan de waarachtigheid van de materiële vaststellingen in het RAD, bevestigd door de camerabeelden. De klachtencommissie acht het dan ook redelijk dat de directie de feiten bewezen achtte. De directie kwalificeerde de feiten als de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee (artikel 129, 1° Basiswet). De klachtencommissie acht deze kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd.

De directie motiveert dat ze klager (geïnterneerd) verantwoordelijk acht voor de hem ten laste gelegde feiten, verwijzend naar drie elementen:
- klager geeft correct gevolg aan de aanmaning om binnen te komen
- klager gedraagt zich daarbij niet bizar
- klager geeft een rationeel motief voor zijn handelen, met name een reactie op doodsbedreigingen ten aanzien van een medegedetineerde.
De klachtencommissie stelt vast dat de directie zich terecht uitspreekt over de toestand van klager op het moment van de feiten. Hetgeen de directie aanhaalt, vindt volgens de klachtencommissie echter géén ondersteuning in de dossierinformatie, zoals de directie aanhaalt. Het RAD beschrijft enkel dat klager (samen met drie anderen) slagen uitdeelde aan een medegedetineerde. Over klager wordt voorts enkel gezegd dat hij binnen ging nadat de PBA’s hem riepen. Zijn gedrag wordt op geen enkele wijze nader beschreven. Daarnaast stelt het RAD “Het gevecht zou komen na doodsbedreigingen van (medegedetineerde A) naar (medegedetineerde B).”, maar wordt er niet vermeld wie dit verklaard zou hebben. Er kan op basis van het RAD (of enig ander schriftelijk stuk) dan ook niet besloten worden dat het klager zelf is die een ‘rationeel motief voor zijn handelen’ aanbracht. Volgens de klachtencommissie werd de toerekenbaarheid van de feiten niet afdoende gemotiveerd. De motivering voldoet niet aan artikel 144 §6 j° artikel 8 Basiswet. De klacht is gegrond. De tuchtbeslissing wordt vernietigd.