Ga verder naar de inhoud

KC32/24-0109

Non fondée KC - Turnhout Commission des plaintes Mesure provisoire Mesure de sécurité particulière
VOORLOPIGE MAATREGEL - MOTIVERING - BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL

Klager kreeg drie voorlopige maatregelen opgelegd: plaatsing op een beveiligde cel, ontnemen of onthouden van voorwerpen en de uitsluiting van deelname aan alle activiteiten. Zowel artikel 145 §1, eerste lid Basiswet (ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid) als artikel 145 §1, tweede lid Basiswet (gevaar voor de orde of de veiligheid) werd aangekruist. Vervolgens werd er tweemaal naar dezelfde motivering verwezen. De klachtencommissie is van oordeel dat uit deze motivering voldoende blijkt dat er sprake was van zowel een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid als van een gevaar voor de orde of de veiligheid. De klachtencommissie meent dat hiermee ook voldoende gemotiveerd is waarom het noodzakelijk was om klager op een beveiligde cel te plaatsen. Hoewel de klachtencommissie de motivering op dit punt erg summier acht, meent zij dat uit deze motivering ook impliciet blijkt waarom het onthouden van voorwerpen en het uitsluiten van deelname aan activiteiten noodzakelijk was. Klager bedreigde immers zijn medegedetineerden en leek ‘mentaal een beetje de pedalen kwijt’. De klachtencommissie acht de drie maatregelen dan ook wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.

Klager kreeg drie bijzondere veiligheidsmaatregelen opgelegd: plaatsing op een beveiligde cel, ontnemen of onthouden van voorwerpen en de uitsluiting van deelname aan alle activiteiten. De directie motiveert waarom er volgens haar sprake is van ernstige aanwijzingen van zowel een gevaar voor de orde als de veiligheid. De klachtencommissie acht deze inschatting correct en afdoende gemotiveerd. De drie maatregelen werden telkens afzonderlijk, doch op dezelfde wijze gemotiveerd, verwijzend naar het bizar en onvoorspelbaar gedrag van klager. Hoewel opnieuw summier, wordt hiermee volgens de klachtencommissie op afdoende wijze de noodzaak van elke opgelegde veiligheidsmaatregel toegelicht. De motivering van de bijzondere veiligheidsmaatregel voldoet aan de vereisten van artikel 8 j° artikel 110 Basiswet. De klachtencommissie acht de bijzondere veiligheidsmaatregel wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.