KC32/23-0179
Fondée
Compensation
KC - Turnhout
Commission des plaintes
Disciplinaire
TUCHT - BEWIJS - KWALIFICATIE INBREUK - MOTIVERING - TEGEMOETKOMING
De tuchtprocedure werd aanvankelijk opgestart voor de feiten opgenomen in het RAD van 22 september 2023. In dit RAD wordt beschreven hoe klager één van de gedetineerden is die de wandeling niet wou verlaten nadat het einde ervan was afgefloten. Vervolgens wordt ook beschreven dat er werd vastgesteld dat klager deelnam aan brandstichting en vernielingen van en op de wandeling.
Ter tuchtzitting besluit de directeur echter om klager niet te sanctioneren voor de brandstichting en vernieling omdat dit niet door haarzelf werd vastgesteld. Of de directeur twijfelt aan de waarachtigheid van hetgeen in het RAD werd opgenomen, wordt niet gespecificeerd. Vervolgens wordt klager ter tuchtzitting ondervraagd over het op tafel gaan staan en opjutten van de menigte door te roepen. Hoewel de directeur naar eigen zeggen zelf niet heeft verstaan wat klager riep, confronteert ze hem met het gebruik van het woord “liberté”.
De klachtencommissie stelt het volgende vast. De mededeling tot opstart van de tuchtprocedure verwijst voor wat betreft de tenlastelegging integraal naar het RAD van 22 september 2023. Géén van de vermeende feiten waarvoor klager uiteindelijk gesanctioneerd werd, kunnen in dit RAD teruggevonden worden.
Klager werd finaal dan ook gesanctioneerd voor volledig andere feiten dan voor dewelke de tuchtprocedure werd opgestart. Volgens de klachtencommissie is de tuchtbeslissing strijdig met artikel 144 §3 en §6, tweede lid Basiswet. Indien de directeur en ‘andere collega’s’ (niet gespecificeerd) nog andere feiten in hoofde van klager vaststelden, dienden deze vaststellingen opgenomen te worden in een RAD of enig schriftelijk verslag, zodat klager correct in kennis kon worden gesteld van de werkelijke tenlastelegging.
De klacht is gegrond. De tuchtbeslissing wordt vernietigd. Klager krijgt als tegemoetkoming een fles cola van 1 liter.
De tuchtprocedure werd aanvankelijk opgestart voor de feiten opgenomen in het RAD van 22 september 2023. In dit RAD wordt beschreven hoe klager één van de gedetineerden is die de wandeling niet wou verlaten nadat het einde ervan was afgefloten. Vervolgens wordt ook beschreven dat er werd vastgesteld dat klager deelnam aan brandstichting en vernielingen van en op de wandeling.
Ter tuchtzitting besluit de directeur echter om klager niet te sanctioneren voor de brandstichting en vernieling omdat dit niet door haarzelf werd vastgesteld. Of de directeur twijfelt aan de waarachtigheid van hetgeen in het RAD werd opgenomen, wordt niet gespecificeerd. Vervolgens wordt klager ter tuchtzitting ondervraagd over het op tafel gaan staan en opjutten van de menigte door te roepen. Hoewel de directeur naar eigen zeggen zelf niet heeft verstaan wat klager riep, confronteert ze hem met het gebruik van het woord “liberté”.
De klachtencommissie stelt het volgende vast. De mededeling tot opstart van de tuchtprocedure verwijst voor wat betreft de tenlastelegging integraal naar het RAD van 22 september 2023. Géén van de vermeende feiten waarvoor klager uiteindelijk gesanctioneerd werd, kunnen in dit RAD teruggevonden worden.
Klager werd finaal dan ook gesanctioneerd voor volledig andere feiten dan voor dewelke de tuchtprocedure werd opgestart. Volgens de klachtencommissie is de tuchtbeslissing strijdig met artikel 144 §3 en §6, tweede lid Basiswet. Indien de directeur en ‘andere collega’s’ (niet gespecificeerd) nog andere feiten in hoofde van klager vaststelden, dienden deze vaststellingen opgenomen te worden in een RAD of enig schriftelijk verslag, zodat klager correct in kennis kon worden gesteld van de werkelijke tenlastelegging.
De klacht is gegrond. De tuchtbeslissing wordt vernietigd. Klager krijgt als tegemoetkoming een fles cola van 1 liter.