KC32/23-0120
Irrecevable
KC - Turnhout
Commission des plaintes
Autre décision directeur
Pas de décision du directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID - KLACHTENPROCEDURE - REKENINGEN - KANTINE
Ten eerste beklaagt klager zich over een vermeende beslissing van 8 juni 2023. Hij voegt als bijlage het verweer van de directie in een vorig klachtendossier (bijlage 1 CB 155) toe en vraagt om meer uitleg waarom zijn klacht onontvankelijk zou zijn. De klachtencommissie wijst erop dat dit document louter het standpunt van de directie in de vorige klachtenprocedure betreft. Dit is geen beslissing in de zin van artikel 148 Basiswet. De klacht is niet-ontvankelijk.
Ten tweede klaagt klager over de werking van de rekendienst. Hij stelt dat de rekendienst ‘veel mist’. Hij voegt een overzicht van zijn rekening bij en maakt melding van een afrekening van een tandenborstel en neustrimmer. De klachtencommissie deed al uitspraak over een klacht met hetzelfde voorwerp in KC32/23-0097. De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet (opnieuw) inhoudelijk beoordelen.
Ten derde stelt klager dat hij de tweede DVD-speler terug wil indienen. De klachtencommissie deed al uitspraak over een klacht met hetzelfde voorwerp in KC32/23-0097. De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet (opnieuw) inhoudelijk beoordelen.
Ten vierde beklaagt klager zich over het wekelijks stijgen van de prijzen van de kantine. Dit betreft geen individuele beslissing van de directie ten aanzien van klager doch een fenomeen dat ten aanzien van alle gedetineerden op gelijke wijze geldt. De klacht is niet-ontvankelijk.
Ten vijfde beklaagt klager zich over het niet krijgen van een uitgaansvergunning. De klachtencommissie spreekt zich enkel uit over beslissingen genomen door de directie op basis van de Basiswet en de daaruit voortvloeiende regelgeving, d.w.z. over de ‘interne rechtspositie’. Een klacht die handelt over de ‘externe rechtspositie’ van de geïnterneerde (toekenning van uitgaansvergunningen) valt buiten de bevoegdheid van de klachtencommissie. Adviesverlening van de PSD in dat kader behoort dan ook niet tot het toepassingsgebied van het beklagrecht. De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet inhoudelijk beoordelen.
Ten zesde klaagt klager over het ontzeggen van het bezit van voorwerpen. Een klacht tegen het ontzeggen van bepaalde voorwerpen behoort in principe tot het toepassingsgebied van het beklagrecht. De klachtencommissie deed al uitspraak over een klacht met hetzelfde voorwerp in KC32/23-0116. Aangezien klager in het voorliggend dossier 0120 rapportbriefjes toevoegt op datum van eind mei (nog voor de indiening van de klacht in 0116), meent de klachtencommissie dat het voorwerp van klacht 0120 identiek is aan het voorwerp van klacht 0116. Ze verwijst dan ook naar haar beslissing in dat dossier. De klacht is niet-ontvankelijk.
Ten eerste beklaagt klager zich over een vermeende beslissing van 8 juni 2023. Hij voegt als bijlage het verweer van de directie in een vorig klachtendossier (bijlage 1 CB 155) toe en vraagt om meer uitleg waarom zijn klacht onontvankelijk zou zijn. De klachtencommissie wijst erop dat dit document louter het standpunt van de directie in de vorige klachtenprocedure betreft. Dit is geen beslissing in de zin van artikel 148 Basiswet. De klacht is niet-ontvankelijk.
Ten tweede klaagt klager over de werking van de rekendienst. Hij stelt dat de rekendienst ‘veel mist’. Hij voegt een overzicht van zijn rekening bij en maakt melding van een afrekening van een tandenborstel en neustrimmer. De klachtencommissie deed al uitspraak over een klacht met hetzelfde voorwerp in KC32/23-0097. De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet (opnieuw) inhoudelijk beoordelen.
Ten derde stelt klager dat hij de tweede DVD-speler terug wil indienen. De klachtencommissie deed al uitspraak over een klacht met hetzelfde voorwerp in KC32/23-0097. De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet (opnieuw) inhoudelijk beoordelen.
Ten vierde beklaagt klager zich over het wekelijks stijgen van de prijzen van de kantine. Dit betreft geen individuele beslissing van de directie ten aanzien van klager doch een fenomeen dat ten aanzien van alle gedetineerden op gelijke wijze geldt. De klacht is niet-ontvankelijk.
Ten vijfde beklaagt klager zich over het niet krijgen van een uitgaansvergunning. De klachtencommissie spreekt zich enkel uit over beslissingen genomen door de directie op basis van de Basiswet en de daaruit voortvloeiende regelgeving, d.w.z. over de ‘interne rechtspositie’. Een klacht die handelt over de ‘externe rechtspositie’ van de geïnterneerde (toekenning van uitgaansvergunningen) valt buiten de bevoegdheid van de klachtencommissie. Adviesverlening van de PSD in dat kader behoort dan ook niet tot het toepassingsgebied van het beklagrecht. De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet inhoudelijk beoordelen.
Ten zesde klaagt klager over het ontzeggen van het bezit van voorwerpen. Een klacht tegen het ontzeggen van bepaalde voorwerpen behoort in principe tot het toepassingsgebied van het beklagrecht. De klachtencommissie deed al uitspraak over een klacht met hetzelfde voorwerp in KC32/23-0116. Aangezien klager in het voorliggend dossier 0120 rapportbriefjes toevoegt op datum van eind mei (nog voor de indiening van de klacht in 0116), meent de klachtencommissie dat het voorwerp van klacht 0120 identiek is aan het voorwerp van klacht 0116. Ze verwijst dan ook naar haar beslissing in dat dossier. De klacht is niet-ontvankelijk.