Ga verder naar de inhoud

KC21/24-0023

Non fondée KC - Merksplas Commission des plaintes Mesure de sécurité particulière
BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL - STAKING

Klager uitte op de wandeling zijn ongenoegen over de aangekondigde personeelsstaking van 6 februari 2024. Klager dreigde daarbij zelf ook te zullen staken. Tijdens een onverwachte vakbondsactie op 4 februari 2024 uitte klager reeds zijn ongenoegen door op de deur te bonken. De directie beschouwt dergelijke gedragingen als een ernstige verstoring van de orde op de afdeling en stelt dat ook de veiligheid in het gedrang komt. De klachtencommissie acht deze inschatting correct en afdoende gemotiveerd.

De noodzaak tot het opleggen van de maatregel van de uitsluiting van deelname aan bepaalde gemeenschappelijke activiteiten werd afdoende gemotiveerd. De motivering van de bijzondere veiligheidsmaatregel voldoet dan ook aan de vereisten van artikel 8 j° artikel 110 Basiswet. De klachtencommissie acht de bijzondere veiligheidsmaatregel wettelijk en redelijk.

De Basiswet voorziet niet in bijstand van een advocaat in het kader van horen voorafgaand aan het opleggen van een bijzondere veiligheidsmaatregel (artikel 110, §2 Basiswet). De Basiswet verplicht dit in geval van internering enkel in het kader van de tuchtprocedure evenals de klachten- en beroepsprocedure (artikel 167, §4 Basiswet). De klachtencommissie acht het dan ook niet onwettig dat de directie geen gevolg gaf aan de vraag van klager om bijstand te krijgen van zijn advocaat. De klacht is ongegrond.