Ga verder naar de inhoud

KC20/22-0041

Non fondée KC - Mechelen Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT

Uit het dossier blijkt dat de sanctie van 30 dagen individueel regime op cel is opgelegd wegens het bij een celcontrole aantreffen van een gsm met bijhorende lader, waarvoor klager de verantwoordelijkheid heeft erkend. Het betreft een inbreuk van de eerste categorie, namelijk het bezit of gebruik maken van technologische middelen die onregelmatige communicatie met de buitenwereld mogelijk maken (artikel 129,9° van de Basiswet), waarvoor de sanctie van verplicht verblijf in de toegewezen ruimte gedurende maximum 30 dagen kan worden opgelegd. Verder blijkt uit het verslag van de tuchtrechtelijke hoorzitting dat betrokkene de sanctie aanvaardde maar dat hij wenste te weten hoe de directie aan de aanwijzing van het feit was gekomen.
De directie heeft hierop terecht geantwoord dat het feit van het aantreffen van de gsm en de lader volstond voor de sanctie, nu klager de verantwoordelijkheid voor dit feit heeft erkend. De controlemaatregel van het doorzoeken van de cel was op zich gerechtvaardigd door het doel ervan, namelijk opsporing van voorwerpen waarvan het bezit in de gevangenis verboden was.
De klacht is ongegrond.