KC17/22-0050
Non fondée
KC - Leuven Hulp
Commission des plaintes
Disciplinaire
TUCHT - GEINTERNEERDE - TOEREKENBAARHEID
De vaststellingen in de rapporten aan de directeur zijn duidelijk en nauwkeurig. De feiten werden ook door getuigen vastgesteld waarbij één rapport zelfs door 7 beambten werd onderschreven. Op de vraag van klager om de camerabeelden te bekijken wordt niet ingegaan nu blijkt dat een groot aantal beambten getuigen waren en de ten laste gelegde feiten hoofdzakelijk betrekking hebben op uitspraken die met camerabeelden niet bewezen kunnen worden. Verder brengt klager geen elementen aan die de vaststellingen van de rapporten doet twijfelen. De tuchtinbreuken staan vast.
Volgens de basiswet dient de directeur aan te tonen dat de ten laste gelegde feiten toe te rekenen zijn ten aanzien van klager. Deze beoordeling is in het bijzonder van belang in het geval van geïnterneerden, zoals klager. Zij zijn immers op grond van een beslissing van een rechter - daarin geadviseerd door een forensisch psychiatrisch deskundige- ontoerekeningsvatbaar verklaard, omdat hij/zij “op het ogenblik van de beslissing aan een geestesstoornis lijdt die zijn oordeelsvermogen of de controle over zijn daden tenietdoet of ernstig aantast”. Volgens de klachtencommissie is in geval van een tuchtprocedure ten aanzien van een geïnterneerde dan ook een voorafgaande beoordeling door een psychiater omtrent de toestand van de geïnterneerde op het moment van het plegen van de feiten noodzakelijk. De klachtencommissie volgt hiermee het standpunt zoals ingenomen door de Nederlandstalige Beroepscommissie in BC/21-0149.
Het advies werd in dit dossier opgemaakt door de PSD-psychiater die een adviserende rol heeft. Deze psychiater fungeert als expert en schrijft ook adviezen voor de Kamer voor de Bescherming van de Maatschappij die bevoegd is voor de uitvoering van de interneringsmaatregel. Hierdoor voldoet het psychiatrisch advies aan de vereisten die de Nationale Raad voor de Orde van Artsen vooropstelt. In het advies wordt klager toerekeningsvatbaar verklaard voor de tuchtinbreuken.
De tuchtinbreuken zijn dan ook bewezen en toerekenbaar aan klager.
Voor een tuchtinbreuk van de eerste categorie kon klager een maximale tuchtsanctie van 30 dagen ATV krijgen. Klager kreeg in dit dossier 1 week ATV waardoor de tuchtsanctie dan ook binnen de wettelijke grenzen valt en de klachtencommissie als redelijk voorkomt.
De klacht is ongegrond.
De vaststellingen in de rapporten aan de directeur zijn duidelijk en nauwkeurig. De feiten werden ook door getuigen vastgesteld waarbij één rapport zelfs door 7 beambten werd onderschreven. Op de vraag van klager om de camerabeelden te bekijken wordt niet ingegaan nu blijkt dat een groot aantal beambten getuigen waren en de ten laste gelegde feiten hoofdzakelijk betrekking hebben op uitspraken die met camerabeelden niet bewezen kunnen worden. Verder brengt klager geen elementen aan die de vaststellingen van de rapporten doet twijfelen. De tuchtinbreuken staan vast.
Volgens de basiswet dient de directeur aan te tonen dat de ten laste gelegde feiten toe te rekenen zijn ten aanzien van klager. Deze beoordeling is in het bijzonder van belang in het geval van geïnterneerden, zoals klager. Zij zijn immers op grond van een beslissing van een rechter - daarin geadviseerd door een forensisch psychiatrisch deskundige- ontoerekeningsvatbaar verklaard, omdat hij/zij “op het ogenblik van de beslissing aan een geestesstoornis lijdt die zijn oordeelsvermogen of de controle over zijn daden tenietdoet of ernstig aantast”. Volgens de klachtencommissie is in geval van een tuchtprocedure ten aanzien van een geïnterneerde dan ook een voorafgaande beoordeling door een psychiater omtrent de toestand van de geïnterneerde op het moment van het plegen van de feiten noodzakelijk. De klachtencommissie volgt hiermee het standpunt zoals ingenomen door de Nederlandstalige Beroepscommissie in BC/21-0149.
Het advies werd in dit dossier opgemaakt door de PSD-psychiater die een adviserende rol heeft. Deze psychiater fungeert als expert en schrijft ook adviezen voor de Kamer voor de Bescherming van de Maatschappij die bevoegd is voor de uitvoering van de interneringsmaatregel. Hierdoor voldoet het psychiatrisch advies aan de vereisten die de Nationale Raad voor de Orde van Artsen vooropstelt. In het advies wordt klager toerekeningsvatbaar verklaard voor de tuchtinbreuken.
De tuchtinbreuken zijn dan ook bewezen en toerekenbaar aan klager.
Voor een tuchtinbreuk van de eerste categorie kon klager een maximale tuchtsanctie van 30 dagen ATV krijgen. Klager kreeg in dit dossier 1 week ATV waardoor de tuchtsanctie dan ook binnen de wettelijke grenzen valt en de klachtencommissie als redelijk voorkomt.
De klacht is ongegrond.