KC16/26-0219
Fondée
KC - Leuven Centraal
Commission des plaintes
Autre décision directeur
HUISHOUDELIJK REGLEMENT - VOORWERPEN - WANDELING
De klachtencommissie is van oordeel dat klager geen algemene regel aanvecht maar de toepassing van de algemene regel in zijn individuele geval. Uit zijn klacht blijkt dat klager voorafgaand aan de avondwandeling ter hoogte van de metaaldetectieportiek werd tegengehouden en zijn spullen moest achtergelaten vooraleer hij naar de wandeling mocht gaan.
Een klacht kan niet alleen ontvankelijk zijn wanneer deze gericht is tegen een beslissing die de directeur zelf heeft genomen, maar ook wanneer deze gericht is tegen een beslissing van personen die onder het gezag staan van de directeur. Het valt onder de verantwoordelijkheid van de directie en het onder haar gezag staand personeel dat een gedetineerde zijn recht op een dagelijkse wandeling, indien gewenst, kan uitoefenen. De beslissing van een beambte dat klager zijn spullen niet mocht meenemen naar de wandeling is dus een beslissing namens de directeur. De klacht is ontvankelijk.
Klager klaagt in essentie aan dat de beslissing namens de directeur in strijd is met het huishoudelijk reglement van de gevangenis. Volgens klager werd de beslissing namens de directie genomen op grond van een dienstnota van de adjudant. De directie erkent in haar verweer het bestaan van deze nota. Volgens de directie beoogt deze nota de regels over de toegestane voorwerpen naar de wandeling uit het huishoudelijk reglement louter te verduidelijken en legt de nota dus geen bijkomende regels op.
De klachtencommissie stelt in eerste instantie vast dat de nota werd meegedeeld na aanvang van de avondwandeling in kwestie. Bijgevolg had klager op het moment dat hij naar de avondwandeling vertrok, nog geen kennis van de nota. Verder stelt de klachtencommissie vast dat de nota een restrictievere invulling geeft aan het begrip drank in vergelijking met de bewoordingen in het huishoudelijk reglement. Volgens de nota is enkel een eigen drankfles toegelaten van max. 2 L terwijl deze voorwaarde niet wordt gesteld in het huishoudelijk reglement. Hierdoor mocht klager zijn blikje cola niet meenemen naar de wandeling. De klachtencommissie besluit hieruit dat de nota in dit opzicht in strijd is met een hogere rechtsnorm, namelijk het huishoudelijk reglement dat werd goedgekeurd door de minister van justitie. Voor wat betreft de handdoek stelt de klachtencommissie vast dat zowel het huishoudelijk reglement als de nota dit toelaten. Voor wat betreft het eenpersoonslaken stelt de klachtencommissie vast dat dit voorwerp niet wordt opgesomd in het huishoudelijk reglement als toegelaten voorwerp naar de wandeling. De klachtencommissie besluit dat de beslissing namens de directie dat klager geen blikje cola en geen handdoek mocht meenemen naar de wandeling, onwettig was. De beslissing was terecht voor wat betreft het eenpersoonslaken. Om deze redenen is de klacht gedeeltelijk gegrond.
De klachtencommissie is van oordeel dat klager geen algemene regel aanvecht maar de toepassing van de algemene regel in zijn individuele geval. Uit zijn klacht blijkt dat klager voorafgaand aan de avondwandeling ter hoogte van de metaaldetectieportiek werd tegengehouden en zijn spullen moest achtergelaten vooraleer hij naar de wandeling mocht gaan.
Een klacht kan niet alleen ontvankelijk zijn wanneer deze gericht is tegen een beslissing die de directeur zelf heeft genomen, maar ook wanneer deze gericht is tegen een beslissing van personen die onder het gezag staan van de directeur. Het valt onder de verantwoordelijkheid van de directie en het onder haar gezag staand personeel dat een gedetineerde zijn recht op een dagelijkse wandeling, indien gewenst, kan uitoefenen. De beslissing van een beambte dat klager zijn spullen niet mocht meenemen naar de wandeling is dus een beslissing namens de directeur. De klacht is ontvankelijk.
Klager klaagt in essentie aan dat de beslissing namens de directeur in strijd is met het huishoudelijk reglement van de gevangenis. Volgens klager werd de beslissing namens de directie genomen op grond van een dienstnota van de adjudant. De directie erkent in haar verweer het bestaan van deze nota. Volgens de directie beoogt deze nota de regels over de toegestane voorwerpen naar de wandeling uit het huishoudelijk reglement louter te verduidelijken en legt de nota dus geen bijkomende regels op.
De klachtencommissie stelt in eerste instantie vast dat de nota werd meegedeeld na aanvang van de avondwandeling in kwestie. Bijgevolg had klager op het moment dat hij naar de avondwandeling vertrok, nog geen kennis van de nota. Verder stelt de klachtencommissie vast dat de nota een restrictievere invulling geeft aan het begrip drank in vergelijking met de bewoordingen in het huishoudelijk reglement. Volgens de nota is enkel een eigen drankfles toegelaten van max. 2 L terwijl deze voorwaarde niet wordt gesteld in het huishoudelijk reglement. Hierdoor mocht klager zijn blikje cola niet meenemen naar de wandeling. De klachtencommissie besluit hieruit dat de nota in dit opzicht in strijd is met een hogere rechtsnorm, namelijk het huishoudelijk reglement dat werd goedgekeurd door de minister van justitie. Voor wat betreft de handdoek stelt de klachtencommissie vast dat zowel het huishoudelijk reglement als de nota dit toelaten. Voor wat betreft het eenpersoonslaken stelt de klachtencommissie vast dat dit voorwerp niet wordt opgesomd in het huishoudelijk reglement als toegelaten voorwerp naar de wandeling. De klachtencommissie besluit dat de beslissing namens de directie dat klager geen blikje cola en geen handdoek mocht meenemen naar de wandeling, onwettig was. De beslissing was terecht voor wat betreft het eenpersoonslaken. Om deze redenen is de klacht gedeeltelijk gegrond.