KC16/26-0140
Irrecevable
KC - Leuven Centraal
Commission des plaintes
Pas de décision du directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - GEZONDHEID - TERMIJN
De klacht betreft de beslissing van de directie van de gevangenis van Leuven Centraal inzake een toestel voor slaapapneu.
Het rechtsmiddel van beklag kan overeenkomstig artikel 148 van de Basiswet niet alleen worden ingesteld tegen elke beslissing die door of namens de directeur ten aanzien van de gedetineerde werd genomen, maar ook tegen het verzuim of de weigering een beslissing te nemen binnen een wettelijk termijn, of bij het ontbreken ervan, redelijke termijn. Een gedetineerde kan dan ook beklag doen tegen het verzuim of de weigering van de directie om een beslissing te nemen wanneer op de directie de verplichting rust tot het nemen van een beslissing. Een dergelijke verplichting kan bestaan wanneer, rekening houdend met alle omstandigheden, de directie een beslissing had moeten nemen om de rechten van de gedetineerde en een menswaardige detentie te waarborgen.
Klager heeft, naar het oordeel van de klachtencommissie, onvoldoende aangetoond dat er een verzuim van de directie is om een beslissing te nemen binnen een redelijke termijn over de organisatie van het leveren van een toestel voor slaapapneu. Op de zitting van de klachtencommissie heeft klager aangegeven dat hij op 16 april 2026 in gevangenis van Leuven-Centraal is toegekomen. Hij heeft nadien op 24 april 2026 een klacht ingediend. De klachtencommissie meent dat er nog geen sprake is van een verzuim in hoofde van de directie om binnen een redelijke termijn een beslissing te nemen. De klacht is bijgevolg niet-ontvankelijk.
De klacht betreft de beslissing van de directie van de gevangenis van Leuven Centraal inzake een toestel voor slaapapneu.
Het rechtsmiddel van beklag kan overeenkomstig artikel 148 van de Basiswet niet alleen worden ingesteld tegen elke beslissing die door of namens de directeur ten aanzien van de gedetineerde werd genomen, maar ook tegen het verzuim of de weigering een beslissing te nemen binnen een wettelijk termijn, of bij het ontbreken ervan, redelijke termijn. Een gedetineerde kan dan ook beklag doen tegen het verzuim of de weigering van de directie om een beslissing te nemen wanneer op de directie de verplichting rust tot het nemen van een beslissing. Een dergelijke verplichting kan bestaan wanneer, rekening houdend met alle omstandigheden, de directie een beslissing had moeten nemen om de rechten van de gedetineerde en een menswaardige detentie te waarborgen.
Klager heeft, naar het oordeel van de klachtencommissie, onvoldoende aangetoond dat er een verzuim van de directie is om een beslissing te nemen binnen een redelijke termijn over de organisatie van het leveren van een toestel voor slaapapneu. Op de zitting van de klachtencommissie heeft klager aangegeven dat hij op 16 april 2026 in gevangenis van Leuven-Centraal is toegekomen. Hij heeft nadien op 24 april 2026 een klacht ingediend. De klachtencommissie meent dat er nog geen sprake is van een verzuim in hoofde van de directie om binnen een redelijke termijn een beslissing te nemen. De klacht is bijgevolg niet-ontvankelijk.