Ga verder naar de inhoud

KC16/25-0153

Non fondée Fondée Irrecevable KC - Leuven Centraal Commission des plaintes Autre décision directeur
STAKING - HYGIENE - WANDELING - TEGEMOETKOMING

Klager dient klacht in omdat hij tijdens de stakingen in de gevangenis op 13/02/2025, op 28/03/2025, op 31/03/2025 en op 29/04/2025 geen wandeling en geen douche heeft gehad.

Over de stakingen op 13/02/2025, op 28/03/2025, op 31/03/2025:
De klacht werd niet tijdig ingediend. Klager haalt geen enkele omstandigheid aan waaruit blijkt dat hij de klacht, hoewel buiten termijn, zo spoedig mogelijk heeft ingediend als redelijkerwijs van hem verlangd kon worden. De klacht is onontvankelijk.

Over de staking op 29/04/2025:
Over de douche:
De klachtencommissie stelt vast dat de staking niet langer heeft geduurd dan twee dagen. Daarnaast stelt klager in zijn klachtenformulier enkel dat hij niet kon douchen, maar voert hij niet aan dat hij niet in de gelegenheid werd gesteld om zijn uiterlijk en zijn lichamelijke hygiëne behoorlijk te verzorgen. Om deze redenen is de klacht over de douche dan ook ongegrond.

Over de wandeling:
In het geval van een (niet-spontane) staking, zoals in dit dossier het geval is, dient de directie enkele rechten van gedetineerden te waarborgen. De directie heeft dus wel degelijk de verantwoordelijkheid om de nodige maatregelen te treffen
zodat de minimumgaranties ten aanzien van gedetineerden worden nageleefd. Dat er geen wandeling werd georganiseerd op de dag van de staking, betreft naar het oordeel van de klachtencommissie dus wel degelijk een klacht die gericht is tegen het verzuim van de directie om maatregelen te nemen die (ook) betrekking hebben op de individuele situatie van klager.

De klachtencommissie wijst erop dat iedere gedetineerde de mogelijkheid moet hebben om minstens één uur per dag in de open lucht te vertoeven. Uit het verweer van de directie blijkt nergens dat klager een wandeling zou hebben gehad of een andere mogelijkheid om minstens één uur in de open lucht te vertoeven. Het verzuim om in maatregelen te voorzien zodat klager op deze dag een uur in de buitenlucht kon vertoeven, is onwettig. De klacht is bijgevolg gegrond.

De klachtencommissie kent aan klager de volgende tegemoetkoming toe: één extra individuele wandeling, door de directie te organiseren binnen een termijn van één maand vanaf de betekening van deze beslissing.