Ga verder naar de inhoud

KC16/25-0086

Non fondée KC - Leuven Centraal Commission des plaintes Autre décision directeur
VOORWERPEN - INBESLAGNAME

De klacht gaat over een kookplaat van klager die in bewaring werd genomen in de gevangenis van Leuven Centraal.

Een klacht is gegrond indien de klachtencommissie van oordeel is dat de beslissing waarover geklaagd is:

1) in strijd is met een in de gevangenis geldend wettelijk voorschrift of met een bindende bepaling van een in België geldend verdrag; of
2) bij afweging van alle in aanmerking komende belangen, onredelijk of onbillijk moet worden geacht.

Klager verklaart zelf op de zitting van de klachtencommissie dat hij de kookplaat heeft gekregen van een medegedetineerde die vrijgelaten werd.

Artikel 45, §1 van de Basiswet luidt:

De voorwerpen die de gedetineerde bij zijn insluiting in de gevangenis bij zich draagt en de voorwerpen die hij tijdens zijn verblijf verwerft, worden overeenkomstig de regels die de Koning zal vaststellen in het belang van de orde en de veiligheid, naargelang het geval, en onverminderd andere wettelijke bepalingen, hetzij in zijn bezit gelaten, hetzij voor hem in bewaring genomen onder afgifte van een bewijs van ontvangst, hetzij op zijn verzoek uit de gevangenis verwijderd.

Het koninklijk besluit dat deze bepaling uit de Basiswet verder uitwerkt, bepaalt dat “de verkopen, ruilingen, leningen en schenkingen en andere gelijkaardige handelingen tussen gedetineerden verboden zijn, behoudens toelating van de directeur. De voorwerpen die zonder toelating van de directeur op deze manier verkregen zijn, worden tegen ontvangstbewijs in bewaring genomen.” Deze passage werd overgenomen in Collectieve Brief nr. 113 en in het huishoudelijk reglement van de gevangenis van Leuven Centraal.

Gelet op de discrepantie, zoals vastgesteld door de beambte, tussen de inhoud van de inventariskaart van klager en de aanwezigheid van de spullen op cel bij klager, meent de klachtencommissie dat de beambte heeft gehandeld conform de hierboven geschetste regelgeving. Klager geeft op de zitting van de klachtencommissie immers zelf toe dat hij de spullen heeft gekregen van een medegedetineerde.

Om deze redenen besluit de klachtencommissie dat deze klacht ook ongegrond is.