KC16/24-0057
Non fondée
KC - Leuven Centraal
Commission des plaintes
Autre décision directeur
ANDERE BESLISSING DIRECTEUR
De klachtencommissie meent dat klager de beslissing van de directie aanvecht om geen vertrouwelijk gesprek met hem te voeren. In artikel 147 van de Basiswet is bepaald dat onverminderd de mogelijkheden die hem geboden worden in het kader van de briefwisseling, het bezoek en het toezicht op de gevangenissen, de gedetineerde in de gelegenheid dient gesteld te worden zich te wenden tot de directeur, met klachten, in aangelegenheden die hem zelf betreffen. De modaliteiten van dit contact met de directie worden niet nader bepaald zodat de gevangenisdirectie dit vrij mag bepalen. De werkwijze in Leuven Centraal blijkt uit het verweer van de directie. Er zou steeds een penitentiair assistent aanwezig zijn teneinde de orde en veiligheid te waarborgen tijdens het gesprek alsook om de neerslag van het gesprek te registreren. De klachtencommissie concludeert dat een gesprek met de directie standaard niet vertrouwelijk is en zij acht deze werkwijze niet onredelijk of onbillijk. Uit het verweer blijkt dat klager om een uitzondering kan vragen maar de directie maakt nog steeds de beoordeling. Gelet op het feit dat klager louter administratieve zaken wou bespreken, achtte de directie een vertrouwelijk gesprek niet opportuun. De klachtencommissie meent dat dit oordeel niet onredelijk of onbillijk was. Om deze reden is de klacht ongegrond.
De klachtencommissie meent dat klager de beslissing van de directie aanvecht om geen vertrouwelijk gesprek met hem te voeren. In artikel 147 van de Basiswet is bepaald dat onverminderd de mogelijkheden die hem geboden worden in het kader van de briefwisseling, het bezoek en het toezicht op de gevangenissen, de gedetineerde in de gelegenheid dient gesteld te worden zich te wenden tot de directeur, met klachten, in aangelegenheden die hem zelf betreffen. De modaliteiten van dit contact met de directie worden niet nader bepaald zodat de gevangenisdirectie dit vrij mag bepalen. De werkwijze in Leuven Centraal blijkt uit het verweer van de directie. Er zou steeds een penitentiair assistent aanwezig zijn teneinde de orde en veiligheid te waarborgen tijdens het gesprek alsook om de neerslag van het gesprek te registreren. De klachtencommissie concludeert dat een gesprek met de directie standaard niet vertrouwelijk is en zij acht deze werkwijze niet onredelijk of onbillijk. Uit het verweer blijkt dat klager om een uitzondering kan vragen maar de directie maakt nog steeds de beoordeling. Gelet op het feit dat klager louter administratieve zaken wou bespreken, achtte de directie een vertrouwelijk gesprek niet opportuun. De klachtencommissie meent dat dit oordeel niet onredelijk of onbillijk was. Om deze reden is de klacht ongegrond.