Ga verder naar de inhoud

KC16/24-0016

Non fondée Fondée KC - Leuven Centraal Commission des plaintes Autre décision directeur Disciplinaire
TUCHT - PUNTENSYSTEEM - MOTIVERING - HUISHOUDELIJK REGLEMENT

De klacht betreft de tuchtbeslissing van 17.01.2024 van de directie van de gevangenis van Leuven-Centraal en de drie punten die werden toegekend ingevolge deze tuchtbeslissing.

Wat betreft de tuchtbeslissing:
De klachtencommissie heeft kennisgenomen van het tuchtdossier. Klager werd op 17.01.2024 tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens het zich zonder toelating bevinden in een ruimte buiten de toegestane tijdsperiode of in een ruimte die men niet gerechtigd is te betreden (inbreuk van tweede categorie) gelet op de feiten die werden meegedeeld in het rapport aan de directeur (RAD) van 14.01.2024.
Volgens het RAD had klager het bureel gans achteraan betreden om de biljartballen en – stokken te halen. Klager zou reeds verschillende keren verwittigd zijn dat dit niet mag. Bovendien staat aangegeven aan de ingang van het bureel dat de toegang voorbehouden is voor personeel. Een
collega van de opsteller werd vermeld als getuige op het rapport. De directeur nam op 15.01.2024 kennis van het RAD en besloot een tuchtprocedure op te starten.

Klager werd gehoord tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting van 17.01.2024. Samengevat stelt klager dat sommige beambten de toelating geven dat gedetineerden zelf hun biljartballen nemen in het bureel indien ze de toelating hebben gekregen. In dat geval gaat klager zelf het bureel binnen. Andere beambten geven de biljartballen aan de gedetineerden waarbij de gedetineerden buiten aan het bureel wachten.
De klachtencommissie is echter van oordeel dat de directie in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren in hoofde van klager aangezien de klachtencommissie zelf heeft kunnen vaststellen dat aan het bureel duidelijk vermeld staat dat enkel personeel het bureel mag betreden, dat op basis van het tuchtdossier blijkt dat klager op 14.01.2024 toch aanwezig was in het bureel en dat uit zijn tuchtregister blijkt dat hij tuchtrechtelijke voorgaanden heeft wegens aanwezig op niet toegestane plaats. Volgens het RAD werd hij ook vijf keer verwittigd. De klachtencommissie acht het bijgevolg ongeloofwaardig dat klager alsnog de toelating had gekregen om het bureel te betreden teneinde de biljartballen en -stokken zelf te nemen.

De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van drie dagen ATV. Voor een tuchtinbreuk van tweede categorie kan maximaal vijftien dagen ATV opgelegd worden. De tuchtsanctie was bijgevolg wettig. De klachtencommissie is bovendien van oordeel dat de sanctie
niet onredelijk of onbillijk was gelet op de staat van herhaling. Om deze redenen is de klacht ongegrond.

Wat betreft de drie punten:
Om eventuele overstappen van het opendeurregime naar het basisregime te regelen, heeft de directie van de gevangenis van Leuven - centraal een systeem ontwikkeld op basis van de toekenning van punten. De punten worden toegekend wanneer de gedetineerde een tuchtinbreuk
heeft begaan die werd geselecteerd in de bijlage bij het huishoudelijk reglement. Bij geselecteerde tuchtinbreuken van de eerste categorie worden vijf punten toegekend en bij geselecteerde tuchtinbreuken van de tweede categorie drie punten. Voor sommige ernstige inbreuken kent men onmiddellijk tien punten toe. Van zodra een gedetineerde tien punten heeft verzameld, wordt hij onmiddellijk overgeplaatst naar het basisregime.

De omstandigheid dat de directie louter het puntensysteem uit het huishoudelijk reglement toepast, ontslaat de directie niet van haar motiveringsplicht die haar wordt opgedragen door een hogere norm dan het huishoudelijk reglement namelijk artikel 8 van de Basiswet. Op het puntenbriefje dat klager ontving, staat: “De directie meldt u dat, ten gevolge van de beslissing van de tuchtsanctie 17.01.2024, 3 punten werden bijgeteld aan uw saldo met betrekking tot het basisregime. Uw saldo bedraagt momenteel 3 punten. Bij een score van 10 punten wordt
automatisch tot een overplaatsing naar het basisregime besloten.“

De klachtencommissie, hierin gesteund door de beroepscommissie, meent dat niet voldoende aandacht werd besteed aan de motivering van deze beslissing. Iedere gedetineerde krijgt hetzelfde puntenbriefje waar enkel de datum van de tuchtbeslissing en het aantal punten naderhand worden ingevuld. Deze mededeling is zeer algemeen en vaag en bevat geenszins de redenen waarom men een bepaald aantal punten toekent en waarom het noodzakelijk is in het kader van de orde en de veiligheid dat klager, naast de tuchtsanctie, drie punten kreeg toegekend.
De klachtencommissie besluit dat de motivering van de beslissing niet afdoende was, in die zin dat ze de gedetineerde niet in staat stelde om de beslissing en de motieven die tot de beslissing geleid hebben, te begrijpen. De beslissing voldoet bijgevolg niet aan de vereiste zoals gesteld in artikel 8 van de Basiswet. Om deze redenen is de klacht gegrond.