KC16/23-0029
Fondée
Compensation
KC - Leuven Centraal
Commission des plaintes
Autre décision directeur
PUNTENSYSTEEM - MOTIVERING
Klager dient een klacht in tegen het puntensysteem. Volgens hem mag het puntensysteem niet meer worden toegepast. Klager heeft ten gevolge van een tuchtbeslissing zowel ATV als punten gekregen, dit is volgens hem te veel. Klager wenst als tegemoetkoming om de toekenning van de vijf punten ongedaan te maken.
De toekenning van vijf punten blijft onmiskenbaar een beslissing van de directie ten aanzien van een individuele gedetineerde, klager. Dit wordt bevestigd door de onlosmakelijke verknochtheid tussen het puntensysteem en de tuchtprocedure. De directie stelt immers dat “iedere gedetineerde die één van de tuchtrechtelijke
inbreuken pleegt die worden weerhouden in het basisregime, punten krijgt toebedeeld.” Wanneer de directie dus een tuchtbeslissing neemt, neemt zij daardoor ook onmiddellijk in dat concrete, individuele geval een beslissing over de toegekende punten. De klachtencommissie besluit dat de toekenning van vijf punten een individuele beslissing van de directeur is. De klacht is ontvankelijk, zodat de klachtencommissie overgaat tot het onderzoek ten gronde.
Klager beschouwt de toekenning van vijf punten als een bijkomende tuchtsanctie, bovenop de ATV-sanctie van 21 dagen opgelegd bij tuchtbeslissing. De klachtencommissie meent dat niet voldoende aandacht werd besteed aan de motivering van de beslissing. Iedere gedetineerde krijgt hetzelfde puntenbriefje waar enkel het aantal punten naderhand wordt ingevuld. De motivering is bijgevolg niet geïndividualiseerd. In deze standaardmotivering wordt de doelstelling van het puntensysteem, namelijk een essentieel instrument ter handhaving van de goede werking van het gedifferentieerd regime niet vermeld, noch verduidelijkt. In de standaardmotivering wordt tenslotte niet gemotiveerd waarom klager een gevaar zou vormen voor de goede werking van het gedifferentieerde regime. De klachtencommissie besluit dat de motivering niet afdoende was, in die zin dat ze de gedetineerde niet in staat stelde om de beslissing en de motieven die tot de beslissing geleid hebben te begrijpen. De beslissing voldoet bijgevolg niet aan de vereiste zoals gesteld in artikel 8 van de basiswet.
De Basiswet bepaalt bovendien dat een gedetineerde tuchtrechtelijk niet gestraft mag worden voor andere inbreuken en met andere sancties dan die welke omschreven worden door deze wet. De directie bevestigde en herhaalde meermaals de onlosmakelijke verknochtheid tussen het puntensysteem en de tuchtprocedure. Zij is hierin steeds duidelijk geweest: “wie een tuchtinbreuk pleegt, wordt tuchtrechtelijk bestraft én krijgt punten toegekend.” Maar voor de afhandeling van tuchtinbreuken riep de Basiswet net een geformaliseerde tuchtprocedure in het leven.
De klachtencommissie is van oordeel dat de toekenning van punten wel degelijk een tuchtsanctie is, die niet voorzien is in de Basiswet. Om deze redenen is de klacht kennelijk gegrond. De beslissing tot toekenning van vijf punten wordt vernietigd. Ten gevolge van de vernietiging van de beslissing, worden de gevolgen van de
beslissing door de directeur ongedaan gemaakt. In die zin wordt tegemoetgekomen aan de vraag tot compensatie van klager.
Klager dient een klacht in tegen het puntensysteem. Volgens hem mag het puntensysteem niet meer worden toegepast. Klager heeft ten gevolge van een tuchtbeslissing zowel ATV als punten gekregen, dit is volgens hem te veel. Klager wenst als tegemoetkoming om de toekenning van de vijf punten ongedaan te maken.
De toekenning van vijf punten blijft onmiskenbaar een beslissing van de directie ten aanzien van een individuele gedetineerde, klager. Dit wordt bevestigd door de onlosmakelijke verknochtheid tussen het puntensysteem en de tuchtprocedure. De directie stelt immers dat “iedere gedetineerde die één van de tuchtrechtelijke
inbreuken pleegt die worden weerhouden in het basisregime, punten krijgt toebedeeld.” Wanneer de directie dus een tuchtbeslissing neemt, neemt zij daardoor ook onmiddellijk in dat concrete, individuele geval een beslissing over de toegekende punten. De klachtencommissie besluit dat de toekenning van vijf punten een individuele beslissing van de directeur is. De klacht is ontvankelijk, zodat de klachtencommissie overgaat tot het onderzoek ten gronde.
Klager beschouwt de toekenning van vijf punten als een bijkomende tuchtsanctie, bovenop de ATV-sanctie van 21 dagen opgelegd bij tuchtbeslissing. De klachtencommissie meent dat niet voldoende aandacht werd besteed aan de motivering van de beslissing. Iedere gedetineerde krijgt hetzelfde puntenbriefje waar enkel het aantal punten naderhand wordt ingevuld. De motivering is bijgevolg niet geïndividualiseerd. In deze standaardmotivering wordt de doelstelling van het puntensysteem, namelijk een essentieel instrument ter handhaving van de goede werking van het gedifferentieerd regime niet vermeld, noch verduidelijkt. In de standaardmotivering wordt tenslotte niet gemotiveerd waarom klager een gevaar zou vormen voor de goede werking van het gedifferentieerde regime. De klachtencommissie besluit dat de motivering niet afdoende was, in die zin dat ze de gedetineerde niet in staat stelde om de beslissing en de motieven die tot de beslissing geleid hebben te begrijpen. De beslissing voldoet bijgevolg niet aan de vereiste zoals gesteld in artikel 8 van de basiswet.
De Basiswet bepaalt bovendien dat een gedetineerde tuchtrechtelijk niet gestraft mag worden voor andere inbreuken en met andere sancties dan die welke omschreven worden door deze wet. De directie bevestigde en herhaalde meermaals de onlosmakelijke verknochtheid tussen het puntensysteem en de tuchtprocedure. Zij is hierin steeds duidelijk geweest: “wie een tuchtinbreuk pleegt, wordt tuchtrechtelijk bestraft én krijgt punten toegekend.” Maar voor de afhandeling van tuchtinbreuken riep de Basiswet net een geformaliseerde tuchtprocedure in het leven.
De klachtencommissie is van oordeel dat de toekenning van punten wel degelijk een tuchtsanctie is, die niet voorzien is in de Basiswet. Om deze redenen is de klacht kennelijk gegrond. De beslissing tot toekenning van vijf punten wordt vernietigd. Ten gevolge van de vernietiging van de beslissing, worden de gevolgen van de
beslissing door de directeur ongedaan gemaakt. In die zin wordt tegemoetgekomen aan de vraag tot compensatie van klager.