Ga verder naar de inhoud

KC16/22-0129

Non fondée KC - Leuven Centraal Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT - RECHT VAN VERDEDIGING

De klachtencommissie heeft kennis genomen van de twee rapporten uit het tuchtdossier. De klachtencommissie meent dat deze rapporten uitgebreide en gedetailleerde vaststellingen bevatten. Bovendien werd een rapport ondertekend door twee getuigen. De klachtencommissie is verder van oordeel dat klager zowel op de tuchthoorzitting als op de zitting van de klachtencommissie geen concrete, noch overtuigende tegenindicaties heeft aangebracht waarom de vaststellingen van het personeel niet correct zouden zijn. De klachtencommissie  ziet dan ook geen reden  waarom  de directie zich bij het nemen van de bestreden beslissing niet  enkel had  mogen  steunen op de rapporten. Bovendien was klager op de hoogte dat wat hij deed, niet was toegelaten. Klager werd voorafgaand aan het RAD al aangesproken over het feit dat hij geen zakken mocht meenemen naar de wandeling. Alsnog bracht hij een zak met documenten mee naar de wandeling. Klager werd bovendien eerder al tuchtrechtelijk gesanctioneerd voor het drijven van handel. De klachtencommissie is bijgevolg van oordeel dat de directie in redelijkheid en billijkheid kon besluiten tot het bewezen zijn van de tuchtinbreuk. De directeur legde een algemene voorwaardelijke tuchtsanctie op in de vorm van zeven dagen ATV. Voor een inbreuk van tweede categorie is de maximale sanctie vijftien dagen waardoor de sanctie wettig is. Gelet op het voorwaardelijke karakter van de sanctie en het tuchtrechtelijke verleden van klager is de sanctie bovendien niet onredelijk of onbillijk. De klacht is ongegrond.