TUCHT - MOTIVERING - VERMOEDEN VAN ONSCHULD - TOEREKENBAARHEID
Klager werd bij tuchtbeslissing gesanctioneerd met 2 dagen individuele wandeling omwille van ‘de opzettelijke aantasting van de orde’ (een inbreuk van de eerste categorie) en ‘het veroorzaken van lawaaihinder die het goede verloop van de activiteiten van de gevangenis verstoort’ (een inbreuk van de tweede categorie).
De klachtencommissie stelt vast dat het RAD louter vermeldt dat er geklop en geroep kwam vanuit de cel van klager en zijn celgenoot. Er is geen sprake van vaststellingen die kunnen wijzen op een individuele toerekenbaarheid. Zo wordt er, bijvoorbeeld, niet vermeld of de opsteller het winket van de cel van klager en zijn celgenoot heeft opengedaan om te verifiëren of het lawaai wel degelijk uit de bewuste cel kwam en wie van de twee celgenoten de oorzaak ervan was.
De klachtencommissie meent dat klager op basis van de beschikbare informatie niet kon worden aangewezen als degene die geluidsoverlast veroorzaakte en dat de directie op geen enkele manier heeft aangetoond dat de feiten aan hem individueel toe te rekenen waren. Desondanks werd klager schuldig verklaard aan de tuchtinbreuken. De klachtencommissie besluit dat er sprake is van een gebrek aan individuele toerekenbaarheid, waardoor het vermoeden van onschuld werd geschonden.
De klachtencommissie heeft begrip voor de problemen rond geluidsoverlast waarmee de gevangenisdirectie wordt geconfronteerd en het feit dat zij zich machteloos voelt in dergelijke situaties. De klachtencommissie kan omwille van bovenstaande redenen echter niet anders dan vaststellen dat voorliggende beslissing niet werd genomen met inachtneming van de wettelijke bepalingen.
De klacht is gegrond. De klachtencommissie vernietigt de tuchtbeslissing en draagt de directie op om de vermelding ervan te verwijderen uit het tuchtregister van klager. De klachtencommissie besluit aan klager dan ook een tegemoetkoming toe te kennen in de vorm van één extra voetbalwandeling op maandag.
Klager werd bij tuchtbeslissing gesanctioneerd met 2 dagen individuele wandeling omwille van ‘de opzettelijke aantasting van de orde’ (een inbreuk van de eerste categorie) en ‘het veroorzaken van lawaaihinder die het goede verloop van de activiteiten van de gevangenis verstoort’ (een inbreuk van de tweede categorie).
De klachtencommissie stelt vast dat het RAD louter vermeldt dat er geklop en geroep kwam vanuit de cel van klager en zijn celgenoot. Er is geen sprake van vaststellingen die kunnen wijzen op een individuele toerekenbaarheid. Zo wordt er, bijvoorbeeld, niet vermeld of de opsteller het winket van de cel van klager en zijn celgenoot heeft opengedaan om te verifiëren of het lawaai wel degelijk uit de bewuste cel kwam en wie van de twee celgenoten de oorzaak ervan was.
De klachtencommissie meent dat klager op basis van de beschikbare informatie niet kon worden aangewezen als degene die geluidsoverlast veroorzaakte en dat de directie op geen enkele manier heeft aangetoond dat de feiten aan hem individueel toe te rekenen waren. Desondanks werd klager schuldig verklaard aan de tuchtinbreuken. De klachtencommissie besluit dat er sprake is van een gebrek aan individuele toerekenbaarheid, waardoor het vermoeden van onschuld werd geschonden.
De klachtencommissie heeft begrip voor de problemen rond geluidsoverlast waarmee de gevangenisdirectie wordt geconfronteerd en het feit dat zij zich machteloos voelt in dergelijke situaties. De klachtencommissie kan omwille van bovenstaande redenen echter niet anders dan vaststellen dat voorliggende beslissing niet werd genomen met inachtneming van de wettelijke bepalingen.
De klacht is gegrond. De klachtencommissie vernietigt de tuchtbeslissing en draagt de directie op om de vermelding ervan te verwijderen uit het tuchtregister van klager. De klachtencommissie besluit aan klager dan ook een tegemoetkoming toe te kennen in de vorm van één extra voetbalwandeling op maandag.