Ga verder naar de inhoud

KC10/26-0075

Fondée KC - Hasselt Commission des plaintes Mesure d'ordre
ORDEMAATREGEL - ARBEID - ONTSLAG - MOTIVERING

Klager dient klacht in tegen een ontslagbeslissing. De ontslagbeslissing dateert van 15 april 2026. Klager nam er ook op die datum kennis van. Klager stelde zijn klacht pas op 29 april 2026 op. Hoewel de klacht inderdaad laattijdig werd ingediend, stelt de klachtencommissie vast dat de ontslagbeslissing geen verwijzing bevat naar de mogelijkheid tot indiening van een klacht bij de klachtencommissie. Bij niet-vermelding van de beroepsmogelijkheid neemt de verjaringstermijn voor het indienen van het beroep geen aanvang. (BC/23-0149) Om deze reden is de klacht ontvankelijk.

Klager werd bij ordemaatregel van 15 april 2026 ontslagen uit zijn functie in het werkhuis. De motivering van de beslissing luidde als volgt: “Aangezien betrokkene zijn werk niet goed uitvoert is de verderzetting van de tewerkstelling niet mogelijk. Betrokkene mag nieuw werk aanvragen, die meer gepast is voor zijn capaciteiten. Gehoord 15.4.2026 door directie, is het niet eens met de klacht, nooit klachten gehad eerder.” De directie motiveerde dat klager volgens haar niet langer beantwoordt aan de voor de arbeidspost gestelde vereisten omdat hij “zijn werk niet goed uitvoert”. De klachtencommissie vindt deze motivering bijzonder vaag. De directie specificeert niet wat klager precies verkeerd doet of van wie de klachten komen. Het voorstel tot ontslagbeslissing, dat boven de eigenlijke ontslagbeslissing staat maar er géén deel van uitmaakt, bevat preciezere informatie. Er wordt met name gesproken over uitvoering die niet gebeurt zoals de firma het voorschrijft evenals een schadeclaim van de firma. De klachtencommissie meent dat deze elementen, met bijkomende details over wat klager precies verkeerd heeft gedaan (gelet op zijn uitleg dat de taak in feite met drie personen wordt voltooid) in de eigenlijke ontslagbeslissing hadden moeten worden opgenomen. De motivering zoals ze nu voorligt stelt klager onvoldoende in staat om de reden van zijn ontslag te begrijpen en voldoet dan ook niet aan artikel 8 Basiswet. De klacht is gegrond. De bestreden beslissing wordt vernietigd. De klachtencommissie draagt de directie op om, binnen de 7 dagen volgend op de betekening van deze beslissing, een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van haar uitspraak.