Ga verder naar de inhoud

KC10/26-0015

Non fondée KC - Hasselt Commission des plaintes Mesure provisoire Disciplinaire
VOORLOPIGE MAATREGEL - TUCHT

De klacht gaat over een voorlopige maatregel van 30/01/2026 en een tuchtbeslissing van 03/02/2026 van de directie van de gevangenis van Hasselt.

Over de voorlopige maatregel: de voorlopige maatregel is gemotiveerd en genomen door de directie. De fysieke integriteit van de celgenoot van klager diende gevrijwaard te worden. Hierdoor was de beslissing tot voorlopige maatregel verantwoord. De maatregel heeft geen bestraffend karakter. De directie kon de voorlopige maatregel opleggen. De klacht tegen de voorlopige maatregel is om deze redenen ongegrond.

Over de tuchtbeslissing: de directie heeft een tuchtsanctie van 3 dagen ATV voor de inbreuk van de eerste categorie “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee” opgelegd.

De precieze handelingen die klager stelde, werden op voldoende gedetailleerde wijze beschreven in het rapport aan de directeur. De klachtencommissie vindt ook niet dat klager tegenindicaties heeft opgeroepen die gerede twijfel deden rijzen over de juistheid van het RAD. De klachtencommissie acht het niet onredelijk dat de feiten beschreven in het RAD als voormelde inbreuken werden gekwalificeerd. De klachtencommissie acht voormelde kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd.

De klachtencommissie stelt vast dat de tuchtprocedure door de directie correct gevolgd werd. De feiten vormen een tuchtrechtelijke inbreuk van de eerste categorie, die kunnen worden gestraft met een maximum van 30 dagen ATV. De klachtencommissie stelt vast dat de directie rekening heeft gehouden met de omvang van de feiten, de voorlopige maatregel en geen onredelijk zware straf van 3 dagen ATV heeft opgelegd. De klacht is om deze redenen ongegrond.