Ga verder naar de inhoud

KC10/24-0011

Non fondée KC - Hasselt Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT - MOTIVERING - SANCTIE

Volgens de tuchtbeslissing werd klager enkel tuchtrechtelijk gesanctioneerd met dertig dagen ATV voor de opzettelijke aantasting van de psychische integriteit van personen of de bedreiging daarmee, een tuchtinbreuk van eerste categorie. Dit wordt ook weerspiegeld in de motivering van de tuchtbeslissing. Desalniettemin is de tuchtbeslissing verwarrend in die zin dat bovenaan de tuchtbeslissing de feiten onder andere omschreven worden als beledigen van personeel en in het bezit van een joint in zijn verblijfsruimte. Deze omschrijvingen worden herhaald in het tuchtregister van klager. Op basis van zijn klacht meent de klachtencommissie ook te besluiten dat klager in de veronderstelling is dat hij ook voor het beledigen van personeel en het bezit van verboden substanties werd gesanctioneerd. Nochtans werd hierover niets vermeld in de motivering van de tuchtbeslissing en werden deze tuchtrechtelijke inbreuken ook niet aangevinkt in de kolommen op de eerste pagina van de tuchtbeslissing. De klachtencommissie komt dus tot het besluit dat klager enkel werd gesanctioneerd voor de opzettelijke aantasting van de psychische integriteit van personen of de bedreiging daarmee. De directie lijkt dit in haar verweer ook te bevestigen.

Aangezien klager in zijn klacht heeft toegegeven dat hij verbaal agressief is geweest en dat hij daarvoor zijn sanctie aanvaardt en dat hij tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting zou gezegd hebben dat eenmaal hij geïntimideerd werd door de chef van 0 naar 100 ging en dat hij toen kwaad was en zijn voet inderdaad tussen de celdeur heeft gehouden, beperkt de klachtencommissie haar onderzoek tot de wettigheid en redelijkheid en billijkheid van de tuchtsanctie. De Basiswet bepaalt dat de directeur de keuze heeft over de aard en de omvang van de tuchtsanctie. De directeur dient weliswaar enerzijds rekening te houden met de wettelijk bepaalde maximumsancties en anderzijds met de evenredigheid tussen de ernst van de inbreuk en de sanctie. Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie, zoals in casu het geval is, kan maximaal dertig dagen ATV opgelegd worden zodat de opgelegde tuchtsanctie in ieder geval wettig is. De klachtencommissie is bovendien van oordeel dat de tuchtsanctie ook niet onredelijk of onbillijk is gelet op het tuchtregister van klager waaruit blijkt dat klager in andere gevangenissen zich reeds agressief heeft opgesteld en de orde heeft verstoord. Om deze redenen is de klacht van klager ongegrond.