KC10/23-0122
Fondée
Irrecevable
KC - Hasselt
Commission des plaintes
Autre décision directeur
TERMIJN - BEZOEK - MOTIVERING
Klager diende op 20.10.2023 een klacht in die gericht is tegen de beslissing waarbij zijn aanvraag voor ongestoord bezoek voor de eerste keer werd afgekeurd. Op basis van de dossierstukken stelt de klachtencommissie vast dat deze bestreden beslissing dateert van 08.08.2023. Bijgevolg is deze klacht laattijdig ingediend door klager.
Klager diende op 27.10.2023 een tweede klacht in die gericht is tegen de beslissing waarbij zijn aanvraag voor ongestoord bezoek voor de tweede keer werd afgekeurd door de directeur. Klager wil graag ongestoord bezoek met zijn partner. De (wettelijk of feitelijk) samenwonende partner is een persoon die behoort tot de bezoekers van categorie 1. In tegenstelling tot bezoek met bezoekers van categorie 2, moet een gedetineerde geen voorafgaande toelating vragen aan de directeur opdat hij ongestoord bezoek kan ontvangen van een bezoeker van categorie 1. Bezoekers van categorie 1 worden immers toegelaten tot het ongestoord bezoek louter nadat zij hun hoedanigheid hebben laten blijken. De directeur kan echter alsnog beslissen dat het ongestoord bezoek wordt geweigerd onder andere omwille van de persoonlijkheid van klager die een contra-indicatie zou vormen voor de toekenning van het ongestoord bezoek. Om de toepassing van deze weigeringsgrond te onderbouwen, wordt in de bestreden beslissing verwezen naar het opsluitingsdossier van klager en meer specifiek naar het bevel tot aanhouding waarin klager verdacht wordt van bedreiging met een aanslag en belaging en waarin melding wordt gemaakt van een escalerende relationele problematiek waarbij klager zelf zou hebben aangegeven psychische problemen en een agressieproblematiek te hebben. Wanneer de klachtencommissie de beslissing in casu leest, weet zij in eerste instantie niet of de feiten waarvoor klager in verdenking werd gesteld betrekking hebben op de bezoekster waarmee klager graag ongestoord bezoek wil of het een andere persoon betreft. Daarnaast wordt verwezen naar een agressieproblematiek en psychische problemen doch nergens worden deze problemen toegelicht en verklaard. Nochtans is hier een belangrijke rol weggelegd voor de PSD en haar verslaggeving. Tenslotte wordt in de beslissing enkel verwezen naar het bevel tot aanhouding terwijl andere relevante elementen in de beoordeling werden weggelaten. Zo stelt de klachtencommissie op basis van de vorige weigeringsbeslissing vast dat er sprake is van een contactverbod tussen klager en zijn partner. Over dit contactverbod wordt niet meer gesproken in de bestreden beslissing. Uit navraag bij het klachtenbureau blijkt immers dat dit contactverbod niet meer geldt. Meer nog, uit de bezorgde bezoekgeschiedenis blijkt dat de partner van klager bijna iedere dag van de week op bezoek komt. Noch deze bezoekgeschiedenis, noch meldingen over incidenten tijdens deze veelvuldige bezoeken, werden aangehaald in de motivering van de bestreden beslissing.
Op basis van al deze elementen, besluit de klachtencommissie dat de beslissing niet in overeenstemming is met de motiveringsplicht van artikel 8 van de Basiswet. De klacht is gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing. De klachtencommissie draagt de directie op om binnen de maand na de betekening van deze uitspraak, een nieuwe beslissing te nemen over het ongestoord bezoek tussen klager en zijn partner, rekening houdende met de opgesomde kritieken van de klachtencommissie.
Klager diende op 20.10.2023 een klacht in die gericht is tegen de beslissing waarbij zijn aanvraag voor ongestoord bezoek voor de eerste keer werd afgekeurd. Op basis van de dossierstukken stelt de klachtencommissie vast dat deze bestreden beslissing dateert van 08.08.2023. Bijgevolg is deze klacht laattijdig ingediend door klager.
Klager diende op 27.10.2023 een tweede klacht in die gericht is tegen de beslissing waarbij zijn aanvraag voor ongestoord bezoek voor de tweede keer werd afgekeurd door de directeur. Klager wil graag ongestoord bezoek met zijn partner. De (wettelijk of feitelijk) samenwonende partner is een persoon die behoort tot de bezoekers van categorie 1. In tegenstelling tot bezoek met bezoekers van categorie 2, moet een gedetineerde geen voorafgaande toelating vragen aan de directeur opdat hij ongestoord bezoek kan ontvangen van een bezoeker van categorie 1. Bezoekers van categorie 1 worden immers toegelaten tot het ongestoord bezoek louter nadat zij hun hoedanigheid hebben laten blijken. De directeur kan echter alsnog beslissen dat het ongestoord bezoek wordt geweigerd onder andere omwille van de persoonlijkheid van klager die een contra-indicatie zou vormen voor de toekenning van het ongestoord bezoek. Om de toepassing van deze weigeringsgrond te onderbouwen, wordt in de bestreden beslissing verwezen naar het opsluitingsdossier van klager en meer specifiek naar het bevel tot aanhouding waarin klager verdacht wordt van bedreiging met een aanslag en belaging en waarin melding wordt gemaakt van een escalerende relationele problematiek waarbij klager zelf zou hebben aangegeven psychische problemen en een agressieproblematiek te hebben. Wanneer de klachtencommissie de beslissing in casu leest, weet zij in eerste instantie niet of de feiten waarvoor klager in verdenking werd gesteld betrekking hebben op de bezoekster waarmee klager graag ongestoord bezoek wil of het een andere persoon betreft. Daarnaast wordt verwezen naar een agressieproblematiek en psychische problemen doch nergens worden deze problemen toegelicht en verklaard. Nochtans is hier een belangrijke rol weggelegd voor de PSD en haar verslaggeving. Tenslotte wordt in de beslissing enkel verwezen naar het bevel tot aanhouding terwijl andere relevante elementen in de beoordeling werden weggelaten. Zo stelt de klachtencommissie op basis van de vorige weigeringsbeslissing vast dat er sprake is van een contactverbod tussen klager en zijn partner. Over dit contactverbod wordt niet meer gesproken in de bestreden beslissing. Uit navraag bij het klachtenbureau blijkt immers dat dit contactverbod niet meer geldt. Meer nog, uit de bezorgde bezoekgeschiedenis blijkt dat de partner van klager bijna iedere dag van de week op bezoek komt. Noch deze bezoekgeschiedenis, noch meldingen over incidenten tijdens deze veelvuldige bezoeken, werden aangehaald in de motivering van de bestreden beslissing.
Op basis van al deze elementen, besluit de klachtencommissie dat de beslissing niet in overeenstemming is met de motiveringsplicht van artikel 8 van de Basiswet. De klacht is gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing. De klachtencommissie draagt de directie op om binnen de maand na de betekening van deze uitspraak, een nieuwe beslissing te nemen over het ongestoord bezoek tussen klager en zijn partner, rekening houdende met de opgesomde kritieken van de klachtencommissie.