Ga verder naar de inhoud

KC10/22-0074

Non fondée KC - Hasselt Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT - TOEREKENBAARHEID - MOTIVERING - SANCTIE

In het voorliggend dossier heeft de directeur zich voor het bewezen zijn van de feiten gebaseerd op de materiële vaststellingen in het RAD van 14 augustus 2022 en de erkenning van bepaalde feiten ter tuchtzitting (het kwaad achternalopen van de tegenpartij). De klachtencommissie vindt het redelijk dat de directie de vaststellingen uit het RAD kwalificeerde als zijnde de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee (artikel 129, 1° Basiswet) en deze feiten aan klager toerekende. De motivering van de inbreuk voldoet aan de vereisten van artikel 8 Basiswet. De opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee (artikel 129, 1° Basiswet) is een inbreuk van de eerste categorie. In geval van een inbreuk van de eerste categorie kan de directeur voor een maximumduur van 30 dagen een bijzondere tuchtsanctie opleggen (artikel 133 Basiswet). Er moet een verband zijn met de aard of de omstandigheden van de tuchtrechtelijke inbreuk (artikel 133 Basiswet).Klager kreeg de bijzondere tuchtsanctie van het verbod om deel te nemen aan culturele, sportieve of ontspanningsactiviteiten in gemeenschappelijk verband (artikel 133, 5° Basiswet). De keuze voor deze bijzondere tuchtsanctie wordt gemotiveerd. De motivering voldoet dan ook aan de vereisten van artikel 133 j° artikel 8 Basiswet. De klachtencommissie acht de sanctie wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.