ORDEMAATREGEL - ONTSLAG - VERTROUWENSFUNCTIE
Klager werd afgezet uit zijn vertrouwensfunctie in het werkhuis na de vondst van een grote hoeveelheid verboden substantie bij hem. Hoewel de directie dit niet expliciet heeft gemotiveerd, meent de klachtencommissie dat het duidelijk is dat een vondst van verboden substanties niet compatibel is met een vertrouwensfunctie. Het gaat niet om een tweede sanctie zoals klager stelt in zijn klacht, maar om een gevolg van de tuchtfeiten. De ordemaatregel werd schriftelijk genomen. De klachtencommissie stelt vast dat de ordemaatregel ook proportioneel is, nu klager wel werk kan behouden in het werkhuis. De klachtencommissie stelt verder vast dat het hoorrecht van klager niet geschonden werd. De klacht is niet gegrond.
Klager werd afgezet uit zijn vertrouwensfunctie in het werkhuis na de vondst van een grote hoeveelheid verboden substantie bij hem. Hoewel de directie dit niet expliciet heeft gemotiveerd, meent de klachtencommissie dat het duidelijk is dat een vondst van verboden substanties niet compatibel is met een vertrouwensfunctie. Het gaat niet om een tweede sanctie zoals klager stelt in zijn klacht, maar om een gevolg van de tuchtfeiten. De ordemaatregel werd schriftelijk genomen. De klachtencommissie stelt vast dat de ordemaatregel ook proportioneel is, nu klager wel werk kan behouden in het werkhuis. De klachtencommissie stelt verder vast dat het hoorrecht van klager niet geschonden werd. De klacht is niet gegrond.