Ga verder naar de inhoud

KC09/25-0142

Non fondée Fondée KC - Gent Commission des plaintes Mesure provisoire Disciplinaire Fouille à corps
VOORLOPIGE MAATREGEL - FOUILLE LICHAAM - UITVOERING - TUCHT - GEÏNTERNEERDE
De klacht is ten eerste gericht tegen een voorlopige maatregel. Klager kon na de wandeling niet zonder positief signaal door de metaaldetectie. Hij negeerde de orders van het personeel en probeerde weg te lopen. De klachtencommissie acht het niet onwettig of onredelijk dat de directie op basis van deze situatie besloot dat de interne veiligheid werd aangetast. De klacht is ongegrond.

Klager werd na bovenstaande feiten ook gefouilleerd op het lichaam. De klachtencommissie is echter van mening dat de directie in haar beslissing niet verduidelijk waarom een fouille op de kledij niet volstond om dergelijke voorwerpen te vinden. De klachtencommissie benadrukt ten overvloede dat louter de plaatsing in de beveiligde cel geen voldoende reden is om een gedetineerde te onderwerpen aan een fouillering op het lichaam. De klacht is gegrond.

Klager stelt bovendien formeel dat hij geen handdoek kreeg tijdens de fouillering op het lichaam, hetgeen nochtans vereist is volgens de eigen richtlijnen van DG EPI. Ook de klacht tegen de uitvoering van de fouillering op het lichaam is aldus gegrond.

De klacht is ten slotte nog gericht tegen de tuchtbeslissing die gevolgd is op deze feiten. De directie motiveert in haar tuchtbeslissing onvoldoende waarom zij de feiten kan toerekenen aan klager, ondanks zijn statuut van geïnterneerde. De klacht is gegrond.