Ga verder naar de inhoud

KC09/25-0103

Fondée Irrecevable KC - Gent Commission des plaintes Autre décision directeur Pas de décision du directeur
CELMUTATIE - OVERBEVOLKING - ART. 3 EVRM - GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID

De klachten gaan over 1) de plaatsing van klager op een “monocel” met twee andere personen en 2) over het niet krijgen van een antwoord van de griffie over zijn KBM-dossier.

De eerste klacht is gegrond:
Er is een sterk vermoeden dat de opsluiting van klager in strijd is met het verbod op onmenselijke behandeling (art. 3 EVRM). De directie betwist niet dat klager op een monocel verblijft. De oppervlakte van dergelijke cel bedraagt in de gevangenis van Gent 9 m². Wanneer de ruimte voor sanitaire voorzieningen hiervan worden afgetrokken en met 3 personen op de cel verbleven wordt, beschikt elk van de op de cel aanwezige gedetineerden over minder dan 3 m² per persoon.
Het vermoeden wordt niet weerlegd. Klager verbleef gedurende een periode van bijna een maand met 2 andere personen op cel. Hij werd ziek doordat zijn celgenoten de griep hadden. Doordat het koud was en geen van de celgenoten activiteiten of werk hadden, verbleven ze bijna 24 op 24 uur op de cel. Klager heeft het statuut van geïnterneerde persoon.


De tweede klacht is niet-ontvankelijk: Tijdens de hoorzitting van de klachtencommissie gaf de advocaat van klager zelf aan dat met betrekking tot dit gedeelte van de klacht een verkeerde instantie werd gevat. Er kan geen beslissing door of namens de gevangenisdirectie, noch een verzuim van de directie ontwaard worden die aan de grondslag van deze klacht ligt.